HomePortal*FAQMemberlistkaartRegisterLog in

Share | 
 

 When we're all out of our minds.

Go down 
Go to page : 1, 2  Next
AuthorMessage
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: When we're all out of our minds.    Wed Nov 14, 2012 5:35 am

Ze schopte zachtjes een bierflesje aan de kant. Sinds het hele gebeuren zag je deze veel meer op straat. Waarom ook niet? Als je jezelf graag helemaal lam dronk dan was het perfect zonder volwassenen. Natuurlijk waren er ook andere soorten mensen. In plaats van losser te worden is zij juist steeds meer verlegen geworden. Iedereen waarvan ze hield werd van haar afgepakt. Je kon het meteen aan haar zien, ze had haar handen in haar zakken gestoken of haar armen over elkaar geslagen en haar blik werd zo nu en dan naar de grond gericht. Zo was ze vroeger altijd al geweest, enorm verlegen. Toen ze echter meer vrienden kreeg begon ze zich beter in haar vel te voelen en ging de verlegenheid weg. Maar nu, nu was alles weer terug. Het verlies van haar ouders en haar beste vriend hadden haar zoveel aangedaan dat ze weer helemaal zoals vroeger was geworden. Soms wou ze wel dat ze alles aan de kant kon zetten. Dat ze net zoals sommige anderen kon doen alsof het leven geweldig was zonder ouders. Misschien was het voor hun ook wel zo, maar voor haar niet. Ze keek op en bleef voor een rijtjeshuis staan. Het raam was ingeslagen en het slot was al zeker kapot gegaan. Ze wist nog hoe gezellig het er had uitgezien in de sneeuw, voordat alles gebeurd was.

‘Wacht even schat, ik ben zo terug.’ Ik voelde een kus op mijn hoofd en glimlachte. Ik had het leuk met Patrick, ondanks dat ik Aiken had moeten afzeggen. Ik trok mijn knieën op en ging wat fijner op de bank zitten. De haard brandde en als je naar buiten keek zag je dat de grond bedekt was met sneeuw. In de kamer naast me hoorde ik gerommel in een van de lades. Er was een luide bonk te horen en daarna zacht gevloek. Uiteindelijk hoorde ik voetstappen en niet veel later kwam hij de woonkamer inwandelen. Hij haalde een cadeautje achter zijn rug vandaan met een grote strik erop. Hij kwam naast me zitten en drukte het me in de handen. ‘Ik hoop dat het niet gebroken is, ik denk dat je het wel gehoord hebt net.’ Zei hij. Hij was lief, maar toch dwaalde mijn gedachten af naar Aiken terwijl ik het cadeautje openmaakte. Zou hij een date voor vandaag hebben? Of zou ik dat geweest kunnen zijn als ik hem niet had afgezegd?


Ze liep weer verder met die gedachte nog in haar hoofd. Wat als ze niet had afgezegd. Misschien had ze dan eindelijk een kans gehad om hem te zeggen wat ze voor hem voelde. Dan wist hij het, voordat hij weg was. Haar gedachten dwaalden helemaal af. Zonder na te denken dat ze nog in beweging was liep ze door. Ze voelde zich voor de zoveelste keer weer eens verdrietig. Maar deze keer huilde ze niet, gelukkig. Als je hier woonde moest je sterk zijn. E was geen tijd om te janken.

OOC >> Beginpost, laten we hopen dat de volgende beter worden. OPEN.




I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Tue Dec 11, 2012 10:20 am

Zachtjes sprak een lange jongen met een jongentje die waarschijnlijk nog geen veertien jaar oud was. De kleine was gehaast en maakte zenuwachtige gebaren. Terwijl de oudere jongen rustig zijn zaakjes afhandelde, alsof het de normaalste zaak was ter wereld. Wel, voor hem althans wel. Hij kreeg vijf Berto’s in zijn handen gedrukt en gaf de kleinen zijn zakje met spul. “Goed koopje van je, jongen. Voorzichtig, sterk spul.” Was het laatste dat hij zijn en aaide de jongen over zijn hoofd alsof het zijn broertje zou zijn. Het kind was dolgelukkig, maar dan op een krankzinnige manier. Algauw rende hij weg, stak het zakje tussen zijn tanden en was plots een adelaar die wegvloog. De normaalste zaak ter wereld hier. Niemand keek ervan op.

Akira was het steegje uitgewandeld en hield zijn geld nog vast in zijn handen. Een koptelefoon ging losjes rond zijn nek waar harde metal uit kwam. Hij glimlachte naar de mensen, liep per ongeluk tegen een groepje meisjes aan en excuseerde hem waarna hij knipoogde. Alle drie begonnen te giechelen. Hij liep snel verder en hield nog eens zes Berto’s in zijn handen. “Stomme meiden”, mompelde hij zachtjes. Elf was meer dan genoeg. Hij liep de ene straat in de andere uit tot hij een winkeltje zag. Vreemd genoeg waren er hier winkels, gerund door kinderen. Vreemd maar waar. En deze was de beste in wat hij verkocht. Akira stapte naar binnen en zag de jongen achter de kassa glimlachen. “Weer een kapotte snaar?” vroeg hij, het was niet de eerste keer dat de Japanse jongen hier muziek onderdelen kwam kopen. “Neen, ik ben mijn plectrum kwijt. Heb je mooie?” de jongen achter de kassa was waarschijnlijk even oud als Akira. Hij toonde een setje van vier plectra voor tien Berto’s. Akira kocht ze en gaf hem die ene Berto als fooi en verliet de winkel.

Zo zag deze jongen zijn leven er ongeveer uit. Over straat wandelen, zaken doen met kinderen die nood hadden aan drugs en geld stelen om te kunnen overleven. Ja, muziek was zijn leven. Een groepje jonge kinderen sprongen in het oog. Akira ging naar een etalage en bekeek de spullen die erin stonden. Geen van de dingen interesseerden hem echt. In het spiegelbeeld zag hij het groepje passeren. Geluidloos sloop hij achter hen aan en omarmde enkele van hen. Ze schrokken zich een bult. “Jullie zien eruit alsof je wel wat spul wilt hebben.” Zei hij nonchalant en haalde een zakje met witte poeder uit. Terwijl ze naar het zakje staarden lukte het de jongen om enkele Berto’s uit één van de jongens hun broekzakken te halen. “Wie denk je wel dat we niet zijn?” snauwde eentje en duwde Akira weg. Hij bleef echter glimlachen en stak zijn drugs weg. “Jammer”, zei hij en draaide zich om. Deze keer had hij een redelijk goede buit, vijftien Berto’s. Niet dat hij het nodig had maar extra kwam~ “Hey! Kom terug!” oeps. Zonder om te kijken begon Akira te rennen. Hij sloeg een straatje in waar een klein kindje zat die niet veel ouder dan acht kon zijn. Hij stak hem het geld toe en gaf hem teken stil te zijn waarna hij zich afduwde tegen de muur en op het lage dak klom. Eén van de jongens was echter een arend en vloog algauw boven zijn hoofd. Akira had ervaring met free running en sprong van het ene dak naar het andere. Wanneer hij een opening zag sprong hij naar de grond en shifte halverwege in een cheetah. Zelfs een arend kon hem niet volgen als hij over een vrije baan aan honderd kilometer per uur rende.

Uitgeput maar blij van zijn zaakjes die dag veranderde hij terug in mens en wandelde door een wijk. De meeste huizen zagen er verlaten en misvallen uit. Ruiten waren in geslagen, roet ging aan sommige gevels en deuren waren weg. Overal lag er afval. Akira was een Shintoïst en haatte het dus als de natuur vervuild werd. Zelfs hier in FAKZ. Hij raapte enkele blikjes op en stak het in vuilnisbakken. Terwijl hij zo verder deed zag hij een meisje wandelen. Ze trapte een blikje weg, de jongen zuchtte en riep, “Hey! Als je er tegen kunt trappen dan kun je hem ook oprapen!” maar ze leek hem niet te horen. Of ze wou hem niet horen. Ze bleef staren naar een vervallen huis. Hij stapte naar haar toe. Het meisje bewoog ook maar leek niet echt te kijken naar waar. Ze had het zelfs niet door dat ze bijna tegen de jongen aanliep. Hij hield haar tegen door zijn vinger tegen haar voorhoofd te duwen en stak toen een blikje in haar handen. Gefrustreerd zei hij, “Als je tegen blikjes kunt trappen dan kun je ze ook oprapen en iets nuttigs doen.” En stak vervolgens zijn handen in zijn broekzakken en wachtte haar reactie af.

[Wow Akira schrijft echt gemakkelijk xD hoi :3]


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sat Dec 29, 2012 9:34 am


Ze werd tegengehouden door een vinger tegen haar voorhoofd. Meteen deed ze een stap achteruit, opeens uit haar gedachten geschrokken. Een blikje werd in haar handen geduwd en toen ze doorhad dat hij haar erop aansprak dat ze er alleen maar tegen trapte, maar het ook gewoon kon oprapen werd ze rood bij haar wangen. Ze pakte het blikje aan en knikte, als een soort van ‘Oké.’ waarna ze haar blik meteen op het blikje richtte, alsof ze het blikje bestudeerde. Gewoon omdat ze het ongemakkelijk vond om de jongen aan te kijken die haar net had aangesproken. ‘Sorry.’ zei ze toen ze heel eventjes opkeek. Misschien was een ander persoon uitgevallen, had die gezegd dat hij niet zo gefrustreerd moest reageren en normaal moest doen. Anastacia zou je zoiets nooit zien doen, ze voelde zich nu al ongemakkelijk. Wat zou dat dan zijn als zij terug zou praten. Ze haalde een hand door haar haren heen, iets wat ze wel vaker deed als ze zich een beetje ongemakkelijk voelde. Op dit soort momenten moest ze iets in haar handen hebben, net zoals sommige mensen bij een spreekbeurt hadden. Het was overdreven, bijna om om te lachen. Maar het was haar grootste probleem. Zelfverzekerd zijn was altijd moeilijk voor haar geweest en na de grote poef was dat steeds erger geworden.

Het blikje kraakte in haar handen doordat ze er zachtjes in kneep. Het was een colablikje, iets wat te herkennen was aan de rode kleur en vage witte letters. Haar ogen dwaalden rond, alsof ze op zoek was naar een vuilnisbak. Het begon er erg dom uit te zien nu ze zo lang naar het blikje keek, maar oogcontact was moeilijk voor haar, ze kon er niet tegen.Even werden haar ogen op haar voeten gericht een blikje fanta lag naast haar voet en toen ze verder keek zag ze achter de jongen een vuilnisbak tegen de muur aan zijn zijkant. Ze bukte zich om het blikje op te rapen, misschien wel in de hoop dat de jongen wegging, of tevreden knikte. Of iets waardoor dit ongemakkelijke moment weg zou gaan. ‘Uhm, mag ik..’ zei ze, ze maakte haar zin niet af maar hield de blikjes een beetje omhoog en knikte toen naar de vuilnisbak. Ze zette een paar stappen, tot ze bij de vuilnisbak was, en gooide de blikjes er toen in. Meteen nadat ze de blikjes weggegooid had zette ze weer wat stappen achteruit. Waarschijnlijk kwam ze over als een enorme weirdo. Misschien wel als iemand met een of andere rare stoornis, iemand die in een instelling hoorde omdat ze in een eigen wereld leefde. Af en toe kwam ze wel zo over, door haar verlegenheid leek het soms alsof ze mensen niet hoorde, of andere dingen hoorde. Niet dat dat dan ook echt waar was. Toen ze er uiteindelijk toch maar bijstond als een onbeweegbare pop kuchte ze even waarbij ze haar hand voor haar mond hield. Ze stak haar handen in haar zakken en haar ogen zochten de jongen uiteindelijk toch op. Het was de eerste keer dat ze de jongen goed in zich opnam. Hij was lang, ongeveer tien centimeter langer dan haar, en zijn huid was ietwat bruin getint. Qua kleding die hij droeg zag hij er vrij normaal uit. Als ze naar zijn gezicht keek zag ze gelaatstrekken die zeker knap te noemen waren en zwarte haren. Ze keek naar zijn ogen en verwachtte eigenlijk bruine kijkers, maar keek tegen een paar donkergroene ogen. Ze wendde haar blik weer af. Op het eerste gezicht zou ze hem niet aanwijzen als iemand die veel om de natuur gaf, maar zo zag je maar weer, je kon niemand beoordelen op zijn uiterlijk.

OOC :: Hoe kun je toch zo goed posten? O.o



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sat Dec 29, 2012 11:30 am

De seconden leken voorbij te kruipen als slakken. In de verte kon de jongen mensen horen praten en roepen. Wat ze aan het doen waren ging hem geen moer aan. Het enige dat hem interesseerde was dit ietwat vreemde meisje voor hem. Hij had haar net tegengehouden en een blikje in haar handen geduwd. Maar op het eerste moment kwam er niets van reactie. Ze leek zijn blik te ontwijken. Haar ogen zochten geen contact met de jongen. De grond leek veel interessanter. Het enige dat ze gedaan had was een kleine knik. Was hij zo angstaanjagend? Was ze bang van hem? Had hij te erg gereageerd? Waarom zou het hem eigenlijk iets schelen, hij kende haar niet. Akira bleef kijken met opgetrokken wenkbrauwen, zijn handen nog steeds in zijn broekzakken. Iron Maiden bleven ondertussen niet stil, dat was te horen uit zijn koptelefoon. ‘Sorry.’ was het eerste dat het meisje zei. Even had ze opgekeken maar Akira had de kans niet eens gekregen om haar te bekijken. Hij zei niets, niet wetend wat hij moest gaan zeggen. Weg gaan was volgens hem ook geen optie. Ze ging met haar vingers door haar haren en bleef staren naar het blikje in haar handen. Akira schuifelde even met zijn voeten, hij begon zenuwen te krijgen van haar. Ging ze hem plots bespringen? Wie weet wachtte ze af tot haar bende zou komen om hem in elkaar te slaan. Zij was toch niet dat meisje dat hij enkele dagen geleden beroofd had? Dat meisje was best wel razend geweest, Akira had dan ook meer dan vijftig Berto's kunnen stelen van haar. Als zij diegene was zou ze anders gereageerd hebben.

Uiteindelijk leek er iets van leven in haar te komen. Naast haar voet lag er nog een blikje die ze op raapte. Haar blik gleed naar de omgeving achter hem. Ze maakte aanstalten om ergens naar toe te stappen, ‘Uhm, mag ik..’ en gleed aan hem voorbij. Akira kon het niet laten om zachtjes te glimlachen. Het was niet uitlachen, maar nog nooit had hij een meisje zo gezien. Een rode blos kwam op zijn wangen, was ze misschien zenuwachtig zoals hij zenuwachtig was voor meisjes? Want ja, ze deed vreemd en stiekem vond hij dat wel leuk. In ieder geval, ze gooide de blikjes in de vuilnisbak die achter hem stond. Aan zijn gezicht was niets te zien, neutraal met een kleine glimlach. Ze nam haar plaats weer in voor hem. Akira vroeg zich af waarom ze niet gewoon weg ging? Ze voelde zich ongemakkelijk, dat kon iedereen zien. De jongen zuchtte vrijwel op hetzelfde moment wanneer zij kuchte. Hij leunde wat naar achteren tegen de vuilnisbak en wachtte. Ergens verwachtte hij een zenuwachtige stem die zou zeggen 'Ik moet maar weer eens gaan' maar de stem bleef uit. In plaats daarvan zag hij twee blauwe ogen die hem bekeken. Wel nu kon hij tenminste in schatten wie hij voor zich had. Ontkennen kon hij niet maar ze was best wel knap. Hij glimlachte relatief vriendelijk, aangezien hij vaak glimlachte maar het nooit echt meende was het niet zo gemakkelijk voor hem. Nadat ze hem gekeurd had keek ze weer weg. Terug lachte hij zachtjes, ging naar zijn broekzak en zette het liedje Wonderwall van Oasis af waardoor het stiller werd. Akira ging een beetje door zijn knieën en keek haar aan in haar gezicht. Daarna stak hij zijn hand uit, "Mijn naam is Akira en ik bijt niet. Of toch niet altijd." hij voelde een rode blos op zijn wangen. Vreemd, hij sprak nooit tegen onbekenden. Misschien werd het eens tijd voor verandering.

OOC: thanks ^^ ik vind je post zeer leuk trouwens


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Dec 30, 2012 1:18 am

Toen de jongen ‘nee’ zei kantelde haar hoofd enkele centimeters en kwam er een frons op haar gezicht komen staan. Wat zou dan verklaren dat hij zo veel om de natuur leek te geven? Voordat ze de vraag kon stellen werd deze al beantwoord. Ze knikte en vroeg zich af waarom hij dan naar Amerika was gekomen.[color=lightskyblue] ‘Interessant.’[color] zei ze, oprecht. Zelf kende ze het niet en ze vond dit soort dingen altijd wel leuk om te horen. Ze wendde haar blik af naar een groepje jongeren die luid aan het praten waren, ze zag enkele blikken op hen gericht en hoopte eerlijk gezegd dat die niet naar haar bedoeld waren, zeker toen één van de kinderen wees. Ze werd wat gerustgesteld toen ze enkele woorden opving, die dingen pasten totaal niet bij haar. Hadden ze het dan over de jongen voor hem, drugs, dief? Hij, natuurlijk leek hij niet meteen een heilige boon qua uiterlijk, maar tot nu toe leek hij vrij aardig. Ja, hij had haar eerst misschien wat fel aangesproken, maar dat was gewoon omdat hij zo’n respect had voor de natuur. Zachtjes schudde ze haar hoofd, ze vond het onbegrijpelijk dat mensen over andere mensen logen, om hun zwart te maken.

De vraag van de jongen verbaasde haar een beetje, het leek haar als vanzelfsprekend dat niemand het hier echt leuk vond, maar als ze er zo bij nadacht hoefde dat niet altijd zo te zijn. Er waren waarschijnlijk genoeg mensen die vonden dat het wel goed geregeld was zo, zonder volwassenen, met een eigen wil om te doen wat ze wouden. ‘Ik vind het niet echt geweldig.’ zei ze uiteindelijk, het was zachtjes uitgedrukt. ‘De eerste paar dagen had ik niet verwacht dat we het zo lang uit zouden houden en het is ook zo erg veranderd, ik zit nog steeds te wachten op een oplossing.’ zei ze. Na de poef zijn al haar vrienden verdwenen, de meeste waren al zeventien en de rest werd al bijna zeventien. Zijzelf was nog maar 15 en moest dus nog 16 worden. Ze liet het feit dat ze de hele tijd had zitten janken en enorm bang was geweest maar achterwege. Ze leek nu waarschijnlijk al een watje. ‘En jij dan, hoe vind jij het?’ vroeg ze na een korte stilte. Het groepje kinderen van net kwam met veel lawaai langs en keken hun kant uit. Ietwat ongemakkelijk sloeg ze haar armen over elkaar heen toen ze doorhadden dat de kinderen Akira in de gaten hielden. Wie weet waren ze wel ziek in hun kop, of vonden ze het gewoon grappig om mensen lastig te vallen, maar Anastacia verwachtte er niet veel goeds van. Zeker omdat één van de jongens hun echt kwaad aankeken. Als de jongen nu iets zou zeggen zou ze het niet horen. Ze was zo bij het groepje jongeren met haar aandacht dat ze de jongen even vergat. Toen ze zich omdraaide leek het alsof ze weg wou lopen en Akira daar achter ging laten. De ene jongen die er het kwaadst uitzag liep op Akira af, ze greep Akira echter bij de pols en nam hem mee. De kwade jongen bleef staan en keek hun even na, maar liep hierna weer terug. Blijkbaar wouden ze geen problemen zoeken met iemand anders erbij. Akira kon zich waarschijnlijk goed genoeg zelf verdedigen, maar ze wou niet dat hij daar straks stond en er een hele groep op hem af kwam. Daarbij, ze vond het gezelschap van iemand ook wel weer eens fijn. Ze ging een korte straat naar links en toen weer naar rechts, het leek haar niet echt fijn moest het groepje kinderen hun vinden. ‘Sorry,’ zei ze toen ze zich realiseerde dat ze hem zomaar had meegenomen. [color=lightskyblue‘Ik vertrouwde het gewoon niet, ze bleven zo kwaad kijken, en toen kwam die jongen op je af lopen..’[/color] Er kroop een rilling door haar rug heen. Ze hield niet van het geweld wat er de laatste tijd steeds meer was geweest. Het was zinloos, vond ze, ze snapte niet hoe zoiets voor voldoening kon zorgen. Je ging je toch niet beter voelen als je iemand pijn had gedaan? ‘Sorry.’ zei ze nogmaals. De rode blos kwam terug en haar ogen schoten van hier naar daar terwijl ze aan de onderste knoop van haar jas zat te frutselen. Ze schaamde zich omdat ze dat net zomaar had gedaan. Ze kon het uitleggen wat ze wou, maar ze had hem zomaar meegenomen, waarschijnlijk ook nog eens tegen zijn wil in.

OOC :: Sorry, ik editte de verkeerde. :/



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 


Last edited by Anastacia on Sun Dec 30, 2012 5:38 am; edited 2 times in total
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Dec 30, 2012 1:54 am

Het had even geduurd vooraleer het meisje zijn hand vastnam. Akira omsloot zijn hand rond de hare en schudde twee keer. Tevreden keek hij haar aan. Het leek een hele opdracht te zijn voor haar om iets van contact te hebben. Of om te bewegen, want sinds de eerste minuut stond ze stil en durfde hem niet aan te kijken. De jongen wist dat hij niet zo lelijk was dat ze hem daarom niet aan keek, dus voelde hij zich niet gekwetst of iets dergelijks. Sommige mensen waren nu eenmaal verlegen. Zij was niet de eerste en zal ook niet de laatste verlegen persoon zijn dat hij ontmoet. Maar nog nooit had hij een meisje echt ontmoet, zoals op dat moment. Eigenlijk had het wel zijn charmes, een meisje die zo verlegen was. Uiteindelijk hoorde hij haar stem, ‘Anastacia, en laten we maar hopen van niet.’ Akira lachte zachtjes en liet haar hand los. Hij wou bijna 'Jammer, je ziet er wel smakelijk uit' zeggen maar deed het toch maar niet. Akira was niet bepaald de vriendelijkste en liefste persoon, gezien zijn achtergrond. Maar mensen zoals Anastacia wou hij niet nog ongemakkelijker laten voelen.

Anastacia had blijkbaar al haar moed bijeen geschraapt en keek op haar. Er was zelfs een glimlach zichtbaar. Wel, ze zag er in ieder geval stukken beter uit met een kleine glimlach. Akira kreeg bijna medelijden dat ze zo nerveus was. Misschien lag het aan hem, waarschijnlijk zat het gewoon in haar persoonlijkheid. De jongen stond weer op, zijn knieën begonnen zeer te doen. ‘Ben je een milieu-activist?’ vroeg ze tot zijn verbazing. Hij verwachtte nog steeds de 'ik moet nu gaan' van haar maar blijkbaar deed ze een poging tot een gesprek. "Eum, niet echt neen." zei hij vertwijfeld en wreef met zijn hand in zijn nek. "Ik ben afkomstig van Japan, ik geloof in een Japans geloof. En daarin respecteren we de natuur." legde hij kort uit. Als hij zou beginnen over het Shintoïsme, de naam van het geloof, en de natuur geesten die zij Kami noemden dan mocht hij alles beginnen uitleggen. En meestal begrepen mensen niet geheel wat het Shintoïsme precies inhoudt. Hij haalde zijn schouders op en stak zijn hand terug in zijn broekzak. Ondertussen kwam er een groepje jongeren, luid pratend. Sommigen keken hen aan, er was een jongentje die zelfs naar Akira wees. Natuurlijk wist hij over wat ze het hadden. Hij was berucht, zowel voor zaken mee te doen als berucht als een dief. Ze roezemoesden en ving de woorden drugs en dief op. Hij negeerde hen half en keek eens kil. Wanneer het groepje ver van gehoorafstand was sprak hij weer, "Hoe vind jij het hier?" met iets beters kon hij niet komen.


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Dec 30, 2012 5:34 am

Toen de jongen ‘nee’ zei kantelde haar hoofd enkele centimeters en kwam er een frons op haar gezicht komen staan. Wat zou dan verklaren dat hij zo veel om de natuur leek te geven? Voordat ze de vraag kon stellen werd deze al beantwoord. Ze knikte en vroeg zich af waarom hij dan naar Amerika was gekomen.[color=lightskyblue] ‘Interessant.’[color] zei ze, oprecht. Zelf kende ze het niet en ze vond dit soort dingen altijd wel leuk om te horen. Ze wendde haar blik af naar een groepje jongeren die luid aan het praten waren, ze zag enkele blikken op hen gericht en hoopte eerlijk gezegd dat die niet naar haar bedoeld waren, zeker toen één van de kinderen wees. Ze werd wat gerustgesteld toen ze enkele woorden opving, die dingen pasten totaal niet bij haar. Hadden ze het dan over de jongen voor hem, drugs, dief? Hij, natuurlijk leek hij niet meteen een heilige boon qua uiterlijk, maar tot nu toe leek hij vrij aardig. Ja, hij had haar eerst misschien wat fel aangesproken, maar dat was gewoon omdat hij zo’n respect had voor de natuur. Zachtjes schudde ze haar hoofd, ze vond het onbegrijpelijk dat mensen over andere mensen logen, om hun zwart te maken.

De vraag van de jongen verbaasde haar een beetje, het leek haar als vanzelfsprekend dat niemand het hier echt leuk vond, maar als ze er zo bij nadacht hoefde dat niet altijd zo te zijn. Er waren waarschijnlijk genoeg mensen die vonden dat het wel goed geregeld was zo, zonder volwassenen, met een eigen wil om te doen wat ze wouden. ‘Ik vind het niet echt geweldig.’ zei ze uiteindelijk, het was zachtjes uitgedrukt. ‘De eerste paar dagen had ik niet verwacht dat we het zo lang uit zouden houden en het is ook zo erg veranderd, ik zit nog steeds te wachten op een oplossing.’ zei ze. Na de poef zijn al haar vrienden verdwenen, de meeste waren al zeventien en de rest werd al bijna zeventien. Zijzelf was nog maar 15 en moest dus nog 16 worden. Ze liet het feit dat ze de hele tijd had zitten janken en enorm bang was geweest maar achterwege. Ze leek nu waarschijnlijk al een watje. ‘En jij dan, hoe vind jij het?’ vroeg ze na een korte stilte. Het groepje kinderen van net kwam met veel lawaai langs en keken hun kant uit. Ietwat ongemakkelijk sloeg ze haar armen over elkaar heen toen ze doorhadden dat de kinderen Akira in de gaten hielden. Wie weet waren ze wel ziek in hun kop, of vonden ze het gewoon grappig om mensen lastig te vallen, maar Anastacia verwachtte er niet veel goeds van. Zeker omdat één van de jongens hun echt kwaad aankeken. Als de jongen nu iets zou zeggen zou ze het niet horen. Ze was zo bij het groepje jongeren met haar aandacht dat ze de jongen even vergat. Toen ze zich omdraaide leek het alsof ze weg wou lopen en Akira daar achter ging laten. De ene jongen die er het kwaadst uitzag liep op Akira af, ze greep Akira echter bij de pols en nam hem mee. De kwade jongen bleef staan en keek hun even na, maar liep hierna weer terug. Blijkbaar wouden ze geen problemen zoeken met iemand anders erbij. Akira kon zich waarschijnlijk goed genoeg zelf verdedigen, maar ze wou niet dat hij daar straks stond en er een hele groep op hem af kwam. Daarbij, ze vond het gezelschap van iemand ook wel weer eens fijn. Ze ging een korte straat naar links en toen weer naar rechts, het leek haar niet echt fijn moest het groepje kinderen hun vinden. ‘Sorry,’ zei ze toen ze zich realiseerde dat ze hem zomaar had meegenomen. [color=lightskyblue‘Ik vertrouwde het gewoon niet, ze bleven zo kwaad kijken, en toen kwam die jongen op je af lopen..’[/color] Er kroop een rilling door haar rug heen. Ze hield niet van het geweld wat er de laatste tijd steeds meer was geweest. Het was zinloos, vond ze, ze snapte niet hoe zoiets voor voldoening kon zorgen. Je ging je toch niet beter voelen als je iemand pijn had gedaan? ‘Sorry.’ zei ze nogmaals. De rode blos kwam terug en haar ogen schoten van hier naar daar terwijl ze aan de onderste knoop van haar jas zat te frutselen. Ze schaamde zich omdat ze dat net zomaar had gedaan. Ze kon het uitleggen wat ze wou, maar ze had hem zomaar meegenomen, waarschijnlijk ook nog eens tegen zijn wil in.



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Dec 30, 2012 6:20 am

Ze had verbaasd gekeken toen hij haar vertelde dat hij geen milieu activist was. Hij vond het niet zo vreemd. Mensen konden gewoon veel om de natuur geven zonder een activist te zijn. Of dat was toch zo in Japan. Zo goed als iedereen droeg zijn steentje bij voor de natuur. Hij legde haar kort uit waarom hij zo om de natuur gaf. Anastacia toonde begrip en luisterde. Het was lang geleden dat de jongen nog een relatief normaal gesprek had gehad met een persoon. Ondertussen passeerde een groepje jongeren. Misschien was het slimmer voor Akira om zich meer te verstoppen. Maar het zat niet in hem om zich weg te steken. Met gegeven hoofd zou hij zijn sancties ondergaan. Ooit op een dag zou hij wel gestraft worden voor zijn daden zowel in Japan als hier in FAKZ. Vanuit zijn ooghoeken keek hij naar het meisje. Ze keek bezorgd maar ook… kwaad. Haar armen waren gekruist. Misschien kwamen de jongeren over als een bende ruzie zoekers. Wist zij het dat de jongen die voor haar stond illegale zaken deed. Wanneer de jongeren uit het zicht verdwenen waren schudde Anastacia haar hoofd waardoor Akira een glimlach niet kon onderdrukken.

Om de stilte te verbreken, en een normaal gesprek op hang wou houden, stelde hij een vraag. Het leek haar te verbazen dat hij zoiets vroeg. Voor hem leek het een normale vraag. ‘Ik vind het niet echt geweldig.’ Was dan ook haar antwoord. De meesten zouden zo antwoordden. Maar het leven zat dan voor hem ook heel anders in elkaar. ‘De eerste paar dagen had ik niet verwacht dat we het zo lang uit zouden houden en het is ook zo erg veranderd, ik zit nog steeds te wachten op een oplossing.’ Hij moest de behoefte om een wenkbrauw op te trekken inhouden. Hij was een paar kilo’s aangekomen door de overvloed aan eten. Hij was dan ook minder gewend. De enige oplossing was dan misschien als je zeventien werd. Maar niemand wist wat er dan gebeurde. Stierf je? Of ging je terug naar de normale wereld? In ieder geval, Akira wou geen van beide. ‘En jij dan, hoe vind jij het?’ de jongen ging niet liegen. Hij schuifelde wat met zijn voeten en antwoordde aarzelend, “Ik vind het hier geweldig…” omdat hij een verbaasde blik verwachtte vervolgde hij snel. “Maar je weet niet hoe ik het had hiervoor. Dit is beter dan mijn vorige leven, geloof me.” En glimlachte scheef. Het was stukken beter dan wat hij voorheen had meegemaakt. Al was zijn leven verandert toen hij naar Amerika ging. Hij was net op het goede pad terecht gekomen. Door FAKZ was hij in zijn oude gewoonte terug gevallen.

Wanneer hij dacht eens een normaal moment te hebben in zijn leven. Zonder te moeten denken aan geld, eten, geweld of overleven. Dan op zo’n moment moesten een groepje jongeren zijn moment komen verpesten. Dezelfde groep kwam terug. Akira had zin om te veranderen en voor ze het door zouden hebben ze allemaal aan stukken te scheuren. In ieder geval, Anastacia was er ook niet blij mee. Eén van de kinderen, het was een jongen iets jonger dan Akira zelf, keek hem vernietigend aan. Hij herkende hem, enkele weken geleden had hij een deal met hem gesloten. Toen de jongen zijn pakje wou komen halen bij Akira had hij een hele bende meegenomen. Akira werd daardoor betrapt en nam later wraak door al hun geld te stelen. Blijkbaar was de jongen het nog niet vergeten. Deze stapte dan ook uit de groep en kwam op Akira af. Akira deed zelf een stapje naar voren en snauwde bijna, “Kom me een andere keer halen, ben nu druk bezig.” Net op dat moment voelde hij de hand van Anastacia rond zijn pols sluiten. Hij was haar dankbaar, de jongens voor hen wisten dat Akira er alles aan zou doen om zijn ooggetuige in leven te houden. Vervolgens liet hij zich meenemen door het meisje, de bende en de jongen bleven staan. Vertwijfeld, zouden ze toch nog aanvallen? Hij luisterde aandachtig. Dankzij de cheetah in hem waren zijn zintuigen tien keer zo goed. De jongeren vertrokken, voor nu waren ze veilig.

Ondertussen wist de jongen niet waar Anastacia hem naar toe sleurde. Hij voelde zijn voeten enkele bochten nemen. Vervolgens stopte ze plots, de jongen zat nog half met zijn gedachten bij het groepje, waardoor hij tegen haar opbotsten. ‘Sorry,’ zei ze terwijl Akira een beetje lachte vanwege zijn onhandigheid. “Maakt niet uit.” Stelde hij haar gerust. Ze had nog steeds zijn pols vast, misschien was ze bang en wou ze een houvast. Tja, wist hij veel? ‘Ik vertrouwde het gewoon niet, ze bleven zo kwaad kijken, en toen kwam die jongen op je af lopen..’ als het iemand geweest, een soort meisje die met haar uiterlijk zou bezig zijn en zou flirten, dan was hij kwaad geworden. Maar zij meende het, zij maakte zich zorgen. Ook zocht hij niets achter haar intenties, “Ze zijn ook niet te vertrouwen…” zei hij zachtjes, maar hij was eigenlijk ook niet te vertrouwen. Vervolgens excuseerde ze zich nog eens en liet zijn pols los om dan met de knop van haar jas te prutsen. Akira haalde zijn schouders op, “Je moet je niet excuseren.” En leunde tegen de muur die achter hem stond. Ze waren in een smalle straat terecht gekomen met gebouwen aan weerszijden. Vervallen oude huizen, niet zoals de duur uitziende huizen van enkele ogenblikken geleden. Plots kreeg hij de neiging om enkele vragen te stellen. Misschien ging hij wel voor het eerst vrienden maken. “Ik speel gitaar trouwens, bespeel jij een instrument?” het kwam een beetje uit het niets. Ook wou hij haar nog vragen wat voor dierenvorm ze had. Maar eerst ging hij wachten op haar eerste antwoord. Wie weet wou ze wel iets horen.


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Dec 30, 2012 9:27 am

Ze knikte bij zijn antwoord. Zoals ze al had verwacht, iedereen had een andere mening. Ergens wou ze vragen waarom het nu beter was, wat het toen erger had gemaakt. Maar ze hield wijs haar mond, het zou haar niet fijn lijken om een heel levensverhaal of zo te moeten vertellen bij een eerste ontmoeting, en dar gold waarschijnlijk ook voor de jongen. Ze beantwoorde hem door breed te glimlachen, niet omdat ze het grappig vond, maar omdat ze het gevoel had dat de jongen geen medelijdende blik wou zien omdat hij vroeger geen goed leven had gehad. Het groepje dat aan kwam lopen leidde haar aandacht echter af, ze was niet van plan om weg te gaan, maar deed het uiteindelijk toch. Het zag er niet goed uit, en ze wou niet dat dit gesprek eindigde. Ze vond het fijn dat er eindelijk iemand was om mee te praten, een normaal gesprek te voeren. Dus pakte ze hem maar geheel impulsief bij zijn pols. Na enkele bochten bleef ze staan, zijn pols had ze nog steeds vast. Af en toe had ze van die momenten, dan leek ze voor heel even een ander persoon. Als ze zich bedreigd voelde, of als iets haar een slecht gevoel gaf. En toen net vond ze dat het groepje een bedreiging vormde. Het gevoel ging gelukkig snel weg, maar zonder dat ze het door had hield ze hem wel nog steeds vast. Ze wou het uitleggen, zeggen waarom ze hem opeens meesleurde, haar uitleg werd bijna meteen gevolgd door een sorry en ze liet zijn pols ook meteen los toen ze doorhad dat ze die nog vast had. Ze knikte toen Akira zei dat ze inderdaad niet te vertrouwen waren.

Ze stopte met prutsen en glimlachte toen hij zijn schouders ophaalde en zij dat ze geen sorry moest zeggen. Hij vond het dus gelukkig niet erg. Ze ontspande zich een beetje, haar handen stopte ze rustig in haar jaszakken en ze ontspande de spieren in haar lichaam. Zonder het door te hebben had ze die namelijk opgespannen. Zijn vraag kwam een beetje onverwachts en uit het niets, maar dat maakte haar niks uit. Het was fijn om te weten dat hij het gesprek op gang wou houden. ‘Nou, ik heb vroeger fluit gespeeld, maar dat kun je niet echt meetellen.’ zei ze ‘Het was meer iets voor school.’. Ze had het maar bij dat jaartje fluit gehouden. Ondanks dat ze graag piano had willen leren spelen, had ze het niet gedaan, het leek haar veel te ingewikkeld, en daarbij zat ze toen ook al op dansen. ‘Ik ben bang dat je me nu wel vaker zult zien, je mag wel eens af en toe wat voor me spelen hoor.’ zei ze. Het verbaasde haar een beetje dat het opeens veel makkelijker was dan ze had gedacht. Of lag het gewoon aan Akira, kon ze makkelijk met hem praten of zo? Ze wist het niet en het boeide haar eigenlijk ook niet echt. Ze genoot gewoon van het moment. ‘Ik weet nog dat er een jongen in mijn klas zat die heel goed gitaar kon spelen.’ zei ze, met het gevoel dat ze ook iets wist om te zeggen.[colorlightskyblue] ‘We kregen midden in het jaar een klaslokaal op de begane grond omdat hij zijn been had gebroken.’[/color] zei ze. Ze kon een klein lachje niet onderdrukken. Niet omdat de jongen zijn been had gebroken, maar om wat ze zei en hoe ze het zei. ‘Sorry, dat was nogal dom wat ik net zei.’ Ze besloot dat ze nu toch maar beter kon wachten tot Akira iets zei, voordat ze weer iets enorm doms zou zeggen.

OOC :: Oké, deze was echt, heel slecht..



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Dec 30, 2012 10:00 am

Anastacia leek meer ontspannen, opener. Ze keek minder naar de grond en wist plots weer hoe ze moest spreken. Het zorgde ervoor dat de jongen ook ietwat kon ontspannen. Bij Akira kon je niet gemakkelijk zien als hij zenuwachtig of gespannen was. De jongen, die af en toe om zich keek voor ongewenst bezoek, wou dat het gesprek op gang bleef. En aangezien Anastacia zich begon te ontspannen leek het dat ook zij een gesprek wou voeren. Omdat het zijn passie was, het normaalste in zijn leven, vroeg hij of ze een instrument bespeelde. ‘Nou, ik heb vroeger fluit gespeeld, maar dat kun je niet echt meetellen. Het was meer iets voor school.’ Hij knikte, zelf had hij nog nooit een blaasinstrument bespeeld. Hij vond een klarinet mooi klinken maar het is één van de duurste instrumenten. Akira hield het op zijn gitaar, zijn eeuwige liefde. ‘Ik ben bang dat je me nu wel vaker zult zien, je mag wel eens af en toe wat voor me spelen hoor.’ Hij trok een gezicht alsof hij het erg vond. “Heb ik toch pech…” maar hij knipoogde en glimlachte. Akira wou graag eens spelen voor iemand, voor de fun. Meestal deed hij voor een bij verdienste of als ontspanning.

Het meisje was blijkbaar nog niet uitgesproken. Akira ging verder door leunen met zijn armen gekruist, aandachtig luisterend. ‘Ik weet nog dat er een jongen in mijn klas zat die heel goed gitaar kon spelen.’ Haar ogen staarden in het verleden. ‘We kregen midden in het jaar een klaslokaal op de begane grond omdat hij zijn been had gebroken.’ Eerst keek Akira ietwat verbaasd waarna hij begon te lachen. ‘Sorry, dat was nogal dom wat ik net zei.’ Hij moest nog steeds zachtjes lachen, “Haha, het kwam zo onverwacht dat het grappig was.” Hij had zich voorovergebogen en leunde op zijn knieën. “Weet je, ik kan me niet herinneren dat ik nog zo gelachen had.” Zei hij gemeend met een glimlach op zijn gezicht. Hij moest het haar school wel nageven, vriendelijk van hen dat ze verhuisden voor één leerling. Akira rechtte zich weer en werd zich bewust van de koude op zijn huid. De zon was onder aan het gaan. Hij had totaal geen besef van de tijd, blijkbaar was het laat.

Akira zuchtte zacht en duwde zich van de muur. “Zin in een avond optreden?” niet dat het veel zou voorstellen. “Mijn gitaar ligt thuis.” Voegde hij eraan toe en wees in de verte. Zijn zogenaamde huis stond in het bos langs het meer van FAKZ. Hij hield niet van het stad of drukte daarom had hij één van de hutten in het bos gerenoveerd. Het was niet veel maar hij was beschermd tegen wind en regen. Ook kreeg hij geen bezoek, alleen dieren kwamen langs. Het enige dat hij miste was elektriciteit om een versterker op aan te sluiten. Hij had eventjes gewerkt tot de inwendige baterijen op waren. “Als je tenminste naar mijn ‘huis’ mee wilt…” hij stak zijn hand uit om haar te leiden, als ze tenminste wou.


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Dec 30, 2012 11:26 pm

Toen Akira begon te lachen zuchtte ze opgelucht, hij vond het gelukkig grappig. En als ze Akira zo zag werd ze meteen aangestoken. Ze hield haar handen een beetje voor haar gezicht zoals ze altijd deed als ze hard moest lachen. Vanbinnen toch nog een beetje bang om et bekeken worden en raar gevonden te worden als ze haar lach niet kon inhouden. Toch dacht ze daar niet aan nu ze zo aan het lachen was. Het duurde even, maar uiteindelijk verstomde het gelach toch weer. Ze verplaatste haar handen naar haar buik, die had geleden onder het lachen. Akira stond voorovergebogen, met zijn handen rustend op zijn knieën. Bij zijn woorden knikte ze alleen maar, ze was nog steeds een beetje aan het lachen. “Weet je, ik kan me niet herinneren dat ik nog zo gelachen had.” Ze knikte, zij ook niet. Het leek opeens allemaal zo ver weg, grappig aangezien het vanochtend nog helemaal in haar geheugen gegrift stond. Ze veegde wat haar aan de kant zodat het niet voor haar oog viel en liet haar handen ontspannen naast zich hangen. Het was voor zover het enigste moment sinds de poef dat ze zich weer zo had gevoeld. Zo ontspannen, rustig, zo blij. Ze zag hoe Akira zich van de muur afduwde en zelf verzette ze haar voeten -die moe aanvoelden van het lange staan- even. “Zin in een avond optreden? Mijn gitaar ligt thuis.” De vraag kwam best onverwacht voor haar en even vond ze het fijn dat ze nu zelf kon doen wat ze wou. Van haar ouders zou ze nooit met een jongen die ze nog niet eens een dag kende mee naar huis, maar nu kon het wel, want zij wou het. Even keek ze naar de lucht die al donkerder aan het kleuren was, maar nog niet pikkedonker. Normaal zou ze nu al thuis zitten, maar er wachtte toch niemand op haar en er was toch niks belangrijks te doen. Ze knikte. ‘Ik waag het er maar op en hoop gewoon dat je geen seriemoordenaar bent.’ Zei ze, ze lachte erbij zodat hij niet zou denken dat ze het meende. Ze nam de hand aan en liet zich leiden.

Toen ze over de weg liepen twijfelde ze toch wel even. Het werd nu al wat donker, ze zou waarschijnlijk naar huis gaan als het helemaal donker was. Ze wuifde het weg. Het maakte niet uit. Ze maakte zichzelf alleen maar bang als ze erbij na ging denken, zoveel kon er toch niet gebeuren. Ze had Akira’s hand echter nog steeds vast. Niet vanwege affectie, maar omdat ze zich zo zekerder voelde. Ze liep nu eenmaal niet vaak in onbekend gebied als het al bijna donker was. Haar ouders hadden haar altijd afgeschermd voor gevaar, maar dat betekende niet dat ze niet hoorde wat er in de wereld gebeurde. Ze was zich er goed van bewust dat mensen rare dingen deden en dat dat alleen meer voorkwam sinds de FAKZ. Mensen veranderden, ze werden helemaal gek. Het had haar ook nog een beetje bereikt, haar teruggetrokkenheid, met af en toe impulsieve momenten. Het eerste moment een muis, en dan opeens een kat. Gelukkig gebeurde het niet vaak, ze hield zichzelf over het algemeen afgeschermd van gevaar.
Anastacia slaakte een gilletje en dook weg toen er een vogel uit het niets gevaarlijk dicht langs haar gezicht afvloog. Ze was niet bang van vogels of zo, maar dit had haar wel even laten schrikken. ‘Ik ben dus niet bang voor vogels.’ zei ze duidelijk. ‘Het kwam gewoon nogal onverwachts.’ zei ze daarna. Ze wou niet als een compleet watje gezien worden dat van het kleinste beetje opsprong en het uitgilde. Ze had zijn hand losgelaten toen ze wegdook en stak allebei haar handen nu weer in haar jaszakken. ‘Zijn we er eigenlijk bijna.’ zei ze zo rustig mogelijk, maar er was duidelijk een spoortje onrust in te horen. Ze had geen zin meer in verrassingen als die vogel van net. Ja, ergens was ze ook wel een watje, een enorm watje.



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Mon Dec 31, 2012 2:25 am

Ze leek eerst na te denken. Hij was tenslotte een geheel onbekende, wie zegt er dat hij dan ook te vertrouwen was? Akira moest zijn aanbod eigenlijk afslaan, haar beter leren kennen en ervoor zorgen dat ze geen spijt kreeg. Maar hij kon het niet. De gedachten om weer even gezelschap te hebben. Behalve de dieren en zijn gitaar had hij niets. In Japan had hij zijn vader, maar ook die was te vroeg uit zijn leven gestapt. ‘Ik waag het er maar op en hoop gewoon dat je geen seriemoordenaar bent.’ Zei ze uiteindelijk en nam zijn hand. Hij lachte zachtjes, hij was inderdaad geen seriemoordenaar. Maar hij verkocht wel drugs en was een dief, veel beter was hij dus niet. Anastacia hoefde dat niet te weten, hij wou haar niet afschrikken. En liegen deed hij niet, hij verzweeg enkel de feiten.

Hij bleef haar hand vasthouden. Eerder omdat zij hem niet losliet, tenslotte bleef zijn linkerhand dan ook warm. De nacht viel en de nachtwezens begonnen te leven. Hier en daar hoorde hij uilen krassen of muizen piepen. Hoe vaker hij in een cheeta veranderde, hoe beter zijn zintuigen zich ontwikkelden. De nacht deed hem dan ook niets, het was zijn tweede thuis. Af en toe had Akira het gevoel dat Anastacia harder in zijn hand kneep. Vanuit zijn ooghoeken keek hij haar aan, ze leek te twijfelen. Een zwaar gevoel bekroop zijn borstkast. Had hij haar ongewild verplicht? Net op het moment hij wou zeggen dat ze niet hoefde mee te gaan kwam er een vogel overvliegen. De jongen had het geklap van de vleugels van de vogel eerder gehoord en verwachtte dan ook een vogel. Maar het meisje daarentegen niet. Ze gilde even en liet hem los toen ze de vogel ontweek. Akira keek een beetje triest, dit ging niet zoals hij wou. De vogel verdween uit het zicht, hij wist niet zeker of het een shifter of een echte vogel was. Hopelijk het tweede. ‘Ik ben dus niet bang voor vogels. Het kwam gewoon nogal onverwachts.’ Maakte ze even duidelijk, hij glimlachte zwakjes. “Als ik de zintuigen van een cheeta niet zou hebben dan had ik die vogel ook niet gehoord.” Dan zou hij ook verschoten hebben. ‘Zijn we er eigenlijk bijna.’ Vroeg ze vervolgens. Hij knikte en wees naar het oosten, “Nog vijf minuten wandelen. Je zult wel zien, het enige hutje in het bos dat nog overeind staat.” Hij bleef naast haar wandelen.

De vijf minuten gingen gelukkig snel voorbij. Het bos zag er donker en eng uit. Maar daar had hij in het begin iets aan verandert. “Secondje,” zei hij tegen haar en liep enkele meters voorop. In zijn jaszak had hij lucifers zitten. Op het pas stonden enkele fakkels die hij aanstak waardoor het bos er gezelliger eruit zag. Hij rende terug naar Anastacia. “Nu is het echt niet ver meer.” Stelde hij haar gerust. Enkele meters verder was zijn huis al zichtbaar. Een houten hutje, gerepareerd door een kind en dat was duidelijk te zien. Hij liet haar binnen waar het iets warmer was. Overal stonden er kaarsen die hij liet branden. Aan het plafond ging er een grote luster waar hij kaarsen in geplaatst had. Even voelde het aan alsof er elektriciteit was. “Het stelt niet veel voor maar ik zit droog en beschermd tegen wind.” En keek even rond. Een tafel, drie stoelen, een zetel en een matras op de grond. Het was dan ook de enige ruimte die beschikbaar was om in te leven. De anderen waren te erg beschadigd, hij kon het niet vermaken.

Hij liet haar zitten in de zetel en haalde zijn gitaar. Het was een zwarte met wit, simpel model en goed genoeg voor de jongen. Eerst herstelde hij snel de kapotte snaar en nam een plectrum. “Eum, heb je een verzoek?” vroeg hij ietwat zenuwachtig. Hij had zo vaak gespeeld voor onbekend publiek, voor geld. Maar dit was anders. Hij speelde van alles, de meeste liedjes kende hij dan ook. Van Rock tot Metal. Pop, modern en klassiek. Hij begon al enkele bekende deuntjes te spelen van Metallica en Nirvana om erin te kunnen komen. Ondertussen wachtte hij af op een eventueel verzoek.



Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Mon Dec 31, 2012 7:07 am

Stomme vogel ook weer, ze schaamde zich rot. Ergens wou ze sorry zeggen, zoals ze meestal zou doen in dit soort situaties, maar ze herpakte zichzelf en maakte hem duidelijk dat ze schrok omdat ze het niet had verwacht. Ze werd al vaak genoeg als een watje gezien en nu het een keer de goede kant op ging wou ze het niet laten verpesten door haar bange karaktertrekjes. ‘Een cheeta.’ zei ze terwijl ze knikte. Zijn dierlijke vorm was dus een cheeta. Ze zou kunnen zeggen wat zijzelf was, maar erg trots was ze er niet op. Ze was een sneeuwpanter, niet dat ze dat zo erg vond, maar ze had wel iets ergs gedaan. Misschien zou hij de link leggen, alshij erover had gehoord natuurlijk. Die sneeuwpanter die iemand zwaar verwond had. Dat was zij. Het was in een van haar buien geweest. De jongen was met nog twee andere mensen en had een jonger iemand bedreigd. Niet één keer, maar meerdere keren. Anastacia zag het vaker gebeuren en toen ze het niet bij alleen dreigen wouden houden was ze opgekomen voor het kleine jongetje. Niemand had gezien dat zij degene was die de jongen aanviel, maar bijna iedereen had wel gehoord dat de jongen was aangevallen door een sneeuwpanter. Waarschijnlijk zouden ze er nu niet meer aan denken, maar toch was ze voorzichtig. Je wist maar nooit.

De vijf minuten die ze nog ongeveer moesten lopen was het stil gebleven, maar dat vond ze niet erg. Ze ervoer het niet als een ongemakkelijke stilte, maar als een rustige stilte. Hij bleek in een hutje in het bos te wonen, waarschijnlijk had hij het zelf gerenoveerd, want zover zij had gehoord lagen alle hutjes daar bijna helemaal plat. Het zag er nog donkerder uit en het gaf haar een eng gevoel, maar toen Akira voorop rende en wat fakkels aanstak ging dat gevoel weg. Het deed haar ergens een beetje aan een sprookje denken, ‘Netjes.’ zei ze, alsof ze het allemaal keurde. Akira kwam terug rennen en liep het laatste stukje met haar mee naar zijn huis. Het was niet perfect gerenoveerd, maar het leek te blijven staan en dat was het belangrijkste. Het voelde al wat warmer toen ze binnenkwam, zeker toen de kaarsjes aangingen die een gevoel van warmte uitstraalden. “Het stelt niet veel voor maar ik zit droog en beschermd tegen wind.” ‘Het is schattig, een beetje gezellig ook wel.’ zei ze terwijl ze rond keek. Het waren gewoon de eerste woorden die in haar opkwamen als ze het zag. Ze deed haar jas uit en hing die over de rugleuning van de zetel waar ze op ging zitten. Ze zat rechtop, niet volledig in haar stoel leunend, maar ook niet vol energie op het puntje van haar stoel. Ze was zich er zeker van bewust dat ze niet in haar eigen huis was en hield daar dan ook rekening mee. Thuis zou ze misschien onderuitgezakt in de zetel zitten, of zou ze haar benen onder zich vouwen en zo in de stoel zitten , maar hier bleef ze gewoon netjes rechtop zitten. “Eum, heb je een verzoek?” vroeg Akira toen hij zijn gitaar had gepakt. Hij begon al wat deuntjes te spelen die ze herkende, ze waren wel vaker op de radio geweest. Zachtjes schudde ze nee. ‘Speel maar gewoon wat je het beste uitkomt,’ zei ze. Ze merkte dat hij een beetje zenuwachtig was en vond dat het nu haar beurt was om hem gerust te stellen. ‘Als jij het speelt dan klinkt het sowieso goed.’ vervolgde ze bijna meteen daarna. Misschien waren dat niet de beste woorden om te zeggen wat ze bedoelde. Maar ze bedoelde dus dat hij goed was in gitaar spelen, enorm goed.

Af en toe keek ze door een raampje naar buiten. Ze zag takken, bladeren, boomstammen, en door alles heen zag ze de lucht. Hij was donkerblauw, leek bijna zwart en ze wist niet of het aan haar lag, of aan de bomen die haar zicht blokkeerden, maar ze zag geen sterren aan de hemel staan. Ze zuchtte zachtjes, ze had er nooit echt bij stil gestaan, maar de afgelopen zeven maanden had ze eigenlijk nooit sterren gezien. ‘Zouden de sterren verdwenen zijn?’ vroeg ze opeens. Het kwam uit het niets, weer kwam de neiging om zich meteen te verontschuldigen. Ze had de jongen namelijk gestoord terwijl hij voor haar gitaar aan het spelen was. Natuurlijk luisterde ze wel, het maakte haar rustig. Wat hij speelde maakte niet uit, maar het feit dat er iets van muziek door haar hoofd ging hielp. ‘Sorry,’ zei ze. ‘domme vraag.’ Natuurlijk zouden ze niet verdwenen zijn, ze waren waarschijnlijk gewoon niet goed zichtbaar door de muur. Ze miste de sterren. Vroeger klom ze altijd op het platte dak via haar slaapkamerraam. Ze luisterde dan naar muziek terwijl ze naar de sterren keek. Het maakte haar rustig, niet dat ze echt iets speciaals had met muziek, maar het was menselijk om er rustig van te worden. Bijna iedereen hield van muziek. ‘Ik wou je niet storen, het was mooi.’ zei ze uiteindelijk. Ze keek naar de jongen en glimlachte, het was echter een twijfelachtige glimlach. Zij ook altijd met haar domme vragen op de verkeerde momenten. Nou ja, verkeerde momenten, ze zou die domme vragen nooit moeten stellen.



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Mon Jan 07, 2013 7:24 am

Zoals Akira wel verwacht had apprecieerde Anastacia het dat hij het pad verlichte. Hij zag haar goedkeurende blik en even voelde hij zich een gentlemen. Natuurlijk kreeg hij nooit bezoek. Nooit had hij eender wie ontvangen, hier noch in Japan. Hij ontmoette mensen, zijn klanten, in steegjes waar niemand zich kon bemoeien. Vooral, hij wou zijn huis niet op het spel zetten als hij riskante klanten ontmoette. Dit was alles dat hij had, dan wou hij het ook niet kwijt. Gelukkig stond zijn plantage enkele meters verder. Akira zou zich dood schamen als Anastacia dat zou zien. Voor het eerst sinds jaren kende iemand hem als een jongen. Niet als een dief of een drugsdealer. Ondertussen kwamen ze aan bij zijn hutje. Akira brandde alle kaarsen die meteen een warme gloed uitstraalden. ‘Het is schattig, een beetje gezellig ook wel.’ Zei het meisje terwijl ze rustig rondkeek, “Een beetje maar? Pfff…” zei hij met een glimlach terwijl hij de laatste kaarsen aan stak. Anastacia nam plaats in de zetel toen hij zijn gitaar ging halen.

Wanneer hij terug kwam zag hij hoe ze in de zetel zat. Hij bedacht zich dat hij zelf altijd in de zetel lag. Maar dit was dan ook niet haar huis, die huiselijke manieren had hij nooit meegekregen met zijn ouders. Hij vroeg of ze verzoekjes had en begon wat te tokkelen. Hij kon zich het nog herinneren, de eerste deuntjes die hij leerde spelen toen hij nog maar zes was. Hoe moeilijk het toen had geleken. En nu, hij dacht er zelfs niet meer bij na. Het kwam als fietsen. Hij plaatste zijn vingers en liet de snaren trillen met zijn plectrum. De rest volgde wel, het gebeurde wel eens dat hij miste maar dat kon hem niet zoveel schelen. Joe Satriani zou zelfs kunnen missen. ‘Speel maar gewoon wat je het beste uitkomt,’ zei ze na enkele ogenblikken. Hij knikte, hij had genoeg liedjes dat hij kon spelen. Of zelf verzonnen stukjes. ‘Als jij het speelt dan klinkt het sowieso goed.’ Gelukkig zorgde voor de kaarsen voor een constante rode gloed op zijn gezicht want anders had het opgevallen dat hij bloosde. Tja, hij was dan ook niet gewend om zo’n soort compliment te krijgen. Behalve van een publiek die hem was geld gaf of als klanten hem vertelden dat hij het beste spul had. Dit was persoonlijker, “Dank je…” zei hij dan ook zachtjes en speelde naar willekeur verder.

Soms speelde hij iets rustigs zoals Bob Dylan, soms iets wilds zoals All that remains van Two weeks. Hij zag hoe ze naar buiten keek en plots vroeg, ‘Zouden de sterren verdwenen zijn?’ hij liet zijn gitaar uitspelen en stopte. Zijn gitaar ging rond hem door de riem. Zelf zuchtte hij zachtjes, “Ik denk dat het door de koepel komt. Had het ook al gemerkt.” Als kind, en nu nog steeds, hield hij ervan om naar de sterren te kijken. Zeker toen zijn beide ouders gestorven waren, waren de sterren zijn enige gezelschap. Zijn ouders waren nu bij de Kami, zoals Tsukuyomi de maan en Amaterasu de zon. En de sterren leken op de zielen die vergaan waren en over de levenden waakten. ‘Sorry, domme vraag.’ Akira haalde zijn schouders op, “Ik denk dat de meesten zich dat al hebben afgevraagd.” Gaf hij eerlijk toe. Zijn vingers tokkelden zachtjes op zijn gitaar. ‘Ik wou je niet storen, het was mooi.’ Waarna ze hem een glimlach schonk. Akira plofte zich naast haar in de zetel en trok zijn benen onder hem, zodat hij in kleermakerszit zat. Hij zat met zijn rug naar de korte kant van de zetel zodat hij met zijn gezicht richting Anastacia zat. Een paar zelf verzonnen deuntjes klonken in de kamer waarna hij stopte, “Mag ik vragen hoe oud je bent?” het kwam een beetje plots. Maar hij moest het weten, hij was 16. Nog iets van een halfjaar en hij werd 17. Iedereen wist wat er kon gebeuren, hij wou weten hoe lang zij nog had.


Gelukkig nieuwjaar trouwens ^^ had het druk met de feestdagen en mijn verjaardag ^^;
All that remains - Two Weeks
Blowin in the wind - Bob Dylan


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Mon Jan 07, 2013 9:11 am

Haar ogen waren af en toe gesloten terwijl ze de muziek op zich liet inwerken. Het kalmeerde, het hielp haar rust te vinden. En nu ze zich zo voelde realiseerde ze zich dat het lang geleden was. Ze had alles gewoon aan de kant gezet en wou er niet meer aan denken. Ze wou het ontwijken, maar af en toe realiseerde ze zich dat het niet zo makkelijk was. Net zoals nu, echter was dit moment fijn tegenover de anderen. Het klonk raar, maar op een of andere manier was het fijn om te weten dat het echt was. Ze was blij dat ze hier nu echt zat en dat Akira nu echt voor haar gitaar spelen was. Ze was blij dat ze nu echt gezelschap had. En net op dat moment moest ze zich zo op haar gemak voelen dat ze zo’n domme vraag stelde. Ze beet zachtjes op haar lip en wachtte op de blik die zou bevestigen dat het echt een domme vraag geweest was. Niet dat die kwam. “Ik denk dat het door de koepel komt. Had het ook al gemerkt.” Ze knikte. Natuurlijk kwam het door de koepel, dat had ze zelf ook wel kunnen bedenken in plaats van rare dingen te zeggen. Ze verontschuldigde zich, iets wat iemand anders misschien niet had gedaan, maar zo was ze nu eenmaal. Ze wou anderen niet tot last zijn, en al zeker niet met domme vragen. Ze knikte, betekende wat hij net zei, dat meerdere dat zich wel afgevraagd zouden hebben, dat hij het zich ook afgevraagd had? Een zuchtje ontsnapte tussen haar lippen. Ze moest leren zich niet zo’n zorgen over die soorten dingen te maken.

Toen Akira naast haar ging zitten, in kleermakerszit en met zijn gezicht naar haar toe, draaide ze zich een beetje om zodat ze hem aankeek. Ze trok haar benen, schoof wat naar achteren en maakte zichzelf zo wat kleiner zodat ze niet te veel ruimte innam. Haar blik richtte ze op zijn vingers die rustig tegen de snaar tokkelden. “Mag ik vragen hoe oud je bent?” Hij stopte met tokkelen. Anastacia slikte zachtjes. ‘Ik..’ zei ze een beetje schor. Ze schraapte haar keel om zichzelf te herpakken en keek hem aan. ‘Ik ben zestien jaar, vier maanden en één week.’ Ze probeerde haar stem onverschillig te laten klinken, alsof het niks uitmaakte. Maar dat deed het wel. Ze wist niet of het bij anderen ook zo was, maar bij haar was dit onderwerp nogal gevoelig. Ze kon het bijna precies zeggen, sinds de FAKZ was ze het bij gaan houden. Niet dat ze er echt aandacht aan had besteed, ze had altijd gedacht dat het niet zo erg zou zijn. Er was toch niemand die haar hier nodig had en misschien kwam ze dan bij haar ouders terecht. Toch begon ze te twijfelen nu hij naar haar leeftijd had gevraagd. Voor vandaag was het niet belangrijk geweest, maar nu ze Akira had ontmoet kon het zijn dat er verandering in ging komen. Misschien was er toch wel iemand die haar zou missen als ze weg zou zijn, als hij niet weg was voor haar. Of zou ze nee kunnen zeggen. Zou ze nee kunnen zeggen tegen degene die ze het allermeeste had gemist.

‘En jij. Hoe oud ben jij?’
vroeg ze. Ze begon met de mouwen van haar trui te prutsen en keek wat ongemakkelijk voor zich uit. Ze ontweek het altijd, het was niet van belang, ze zou het dan wel zien. Het was allemaal fout. Natuurlijk kon ze het niet bewijzen en het was enorm belangrijk. Daarbij zou ze dan niet veel meer weten dan nu. ‘Denk je dat jij nee kunt zeggen’ vroeg ze. Ze had gehoord hoe het ging van overlevers. Ze kon zich al precies voorstellen hoe het bij haar zou zijn. Het zou afschuwelijk zijn om nee te zeggen, maar misschien nog erger om in te stemmen. ‘Je hoeft het niet te zeggen hoor.’ voegde ze er nog aan toe. Ze wist niet waar de jongen zijn grens lag qua vragen, maar ze wou weten wat andere mensen dachten, en nu ze het er toch over hadden.

OOC :: Nog gefeliciteerd dan. ^^



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Mon Jan 07, 2013 11:10 am

Het was best aangenaam, de stilte, het praten, gitaar spelen en de ongewone vragen. Alles leek zo reëel dat het niet in zijn leven leek te passen. Een gekleurd stukje puzzel in een zwart wit geheel. Wie weet was het nog niet te laat om zijn leven om te gooien, om iets meer kleur in zijn leven te steken. De kans was niet groot en hoeveel kon één persoon daaraan veranderen? Akira geloofde er niet in maar de gedachten waren wel fijn om even een normaal moment te hebben in zijn nogal abnormale leven. Terwijl die gedachte door zijn hoofd ging was hij in de zetel gaan zitten. Anastacia maakte het zich ook gemakkelijker. Ze kroop echter wel zo ver mogelijk van hem weg en maakte zich klein. Akira moest zachtjes lachen. Sommige zouden zich misschien beledigd hebben gevoeld omdat een meisje van hem weg kroop. Maar hij vond het grappig en schattig. De jongen was ook niet zo aan het dicht op elkaar zitten. Hij was het niet gewend en had er ook geen behoefte aan. Al zou iets van lichamelijke steun, even het gevoel te hebben dat zijn lichaam en alles echt was, kunnen gebruiken.

Hij vroeg naar haar leeftijd waar ze toch verbaasd leek over te zijn. Ze moest haar stem terug vinden voordat ze kon antwoordden. ‘Ik ben zestien jaar, vier maanden en één week.’ Hij trok even zijn wenkbrauwen op. Ze hield het blijkbaar goed bij. Hij begon te rekenen, trok een gezicht en dacht na. Na enkele ogenblikken antwoordde hij, “Dus… ben je in september jarig?” gokte hij. Ze waren januari, dat was hij zeker. In ieder geval, het feit dat ze haar leeftijd zo bijhield moest het iets betekenen. Was ze bang om zeventien te worden? De kans was groot, anders kon hij niet verzinnen waarom ze het zo zou zeggen. Hij knikte maar wist niet meteen wat hij moest zeggen. Anastacia wou terug naar de echte wereld, dat wist hij nu wel. Ze had een hekel aan FAKZ. Misschien hoopte ze op een uitweg als ze haar leeftijd had. Even leek ze over iets na te denken, Akira gaf haar de tijd. ‘En jij. Hoe oud ben jij?’ vroeg ze uiteindelijk. Hij peinsde even, “Ik ben ongeveer zestien jaar en half. De vierde juli ben ik jarig.” Zei hij met enkele zachte knikjes. Nu hij erbij stil stond, als er iets zou gebeuren dan zou het over een halfjaar zijn. Zo lang was dat niet meer.

Het werd even stil, Akira zag dat Anastacia een beetje ongemakkelijk leek. Ze prutste en leek zijn blik te ontwijken, zoals in het begin. Hij vroeg zich af of hij iets verkeerd had gezegd of gedaan. De jongen wou net zeggen dat, als ze wou, ze naar huis kon gaan. Maar een tweede vraag kwam uit haar mond, ‘Denk je dat jij nee kunt zeggen’ het eerste moment had hij niet geheel door over wat ze het had. Maar ze hadden het over hun leeftijd, daarnet hadden ze het hoe ze zich voelden in FAKZ. ‘Je hoeft het niet te zeggen hoor.’ Hij glimlachte scheefjes, hij had geen problemen met het beantwoorden van die vraag. Tenslotte, hij koesterde iedere seconde waarin hij een vraag kreeg waarop hij kon antwoordden. Hij koesterde de laatste uren als het normaalste dat hem ooit was overkomen. Buiten het kopen van gitaar onderdelen. “Er is niets of niemand die op mij wacht, buiten FAKZ.” Hij keek haar aan en zocht haar blik. Voordat ze, als ze dat al dan niet van plan was, kon erop ingaan ging hij verder. “Mijn ouders zijn dood, ik was arm en leefde niet zo goed.” Hij koos zijn woorden zorgvuldig uit om geen wantrouwen te scheppen. “Het enige dat hierbuiten telt was mijn gitaar, en die heb ik hier ook. Dus ik zou gemakkelijk neen kunnen zeggen.” Gaf hij uiteindelijk eerlijk toe. Het had geen zin om over zoiets te liegen. Tenslotte schaamde hij zich niet over dat feit. “Ik kan wedden dat je wel vrienden hebt, een prachtige familie en misschien zelfs een vriendje die je dolgraag wilt terug zien.” Zei hij met een kleine glimlach. Akira vroeg zich af hoe het voelde om iemand te missen die er nog was.


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Tue Jan 08, 2013 9:20 am

Ze begreep niet waarom ze het zo lastig vond om gewoon te antwoorden op zijn vraag. Het was niet alsof er hier iemand was om naar uit te kijken. Om eerlijk te zijn was Akira één van de eerste mensen waarmee ze weer gewoon gepraat had sinds de FAKZ. Er waren nog wat andere mensen geweest, maar die hadden al snel afgehaakt toen zij alleen maar nerveus ja kon knikken en zich steeds verontschuldigde. Bij elke verspreking, bij elke keer dat ze té verlegen reageerde. Ze begreep wel waarom de meeste mensen al snel doei zeiden. En dat was het leuke aan dit gesprek. Ze was verlegen geweest, maar hij had moeite gedaan om het gesprek gaande te houden en daardoor had zij ook weer haar best gedaan. Toen hij haar had uitgenodigd was ze zelf nogal verbaasd geweest over haar antwoord, maar nu was ze blij dat ze hier was. Ondanks dat de vragen nog steeds wat gevoelig bij haar lagen, ze hoefde er nu niet in haar eentje om na te denken. Toen hij zijn wenkbrauwen optrok sloeg ze haar ogen neer en beet ze op haar lip. Ze had ook gewoon moeten zeggen dat ze zestien was. Misschien nog die vier maanden erbij, maar de weken? Nee, dat maakte haar antwoord raar, alsof ze er bang over was, niet dat dat de waarheid niet was. In tegenstelling, ze was enorm bang, om je voor te schamen. En dat deed ze ook, ze schaamde zich rot. Ze was niet het soort persoon wat hier kon overleven, in ieder geval niet alsof er niks aan de hand was. Nee, ze bleef er nog elke dag aan denken, bang voor de dag dat zij aan de beurt was.

Zijn stem trok haar uit haar gedachten en ze knikte. ‘De eerste september.’ Om precies te zijn dertien na één op de eerste september. Ze schoof de gedachte van haar verjaardag weg, daar dacht ze al meer dan genoeg aan. “Ik ben ongeveer zestien jaar en half. De vierde juli ben ik jarig.” Ze zuchtte en sloeg haar handen om haar benen heen. Dat was nog ongeveer een half jaar, zou hij bang zijn? Waarschijnlijk niet, of zo kwam het toch over voor haar. Misschien wist hij zeker dat hij nee kon zeggen, misschien wist hij zeker dat hij hier zou blijven. Ze herinnerde zich dat hij zei dat hij het hier geweldig vond. Natuurlijk ben je dan niet bang. Je zou alleen zo bang als haar zijn als je niet hier wou blijven, maar ook niet weg wou. En het leek haar vrij zeker dat hij hier wou blijven. Ze kon het niet laten om te vragen, het spookte al de hele tijd door haar hoofd. Zou hij nee kunnen zeggen? “Er is niets of niemand die op mij wacht, buiten FAKZ.” Ze had hem al die tijd wel aangekeken, maar ontweek zijn blik toch een beetje. Nu keek ze hem echter recht aan. “Mijn ouders zijn dood, ik was arm en leefde niet zo goed.” Ze knikte rustig. Ergens wist ze niet hoe ze moest kijken, maar door de manier waarop hij alles zei leek het alsof hij geen nood had aan medelijden en dat ook liever niet had. Ze kon het altijd fout hebben, maar gokte er maar op. Hier had ze niks op te zeggen. Ze had het altijd vanzelf sprekend gevonden dat ze het zo goed had gehad. Natuurlijk wist ze dat dat niet voor iedereen zo was, maar nu ze het zo hoorde, kon ze er bijna depressief van worden. Zij had het altijd zo goed gehad en gedroeg zich zo raar, zo verlegen, bang, bijna zielig. En hij, hij had niet gehad wat zij had gehad, maar toch ging hij zo luchtig met de situatie om. “Ik kan wedden dat je wel vrienden hebt, een prachtige familie en misschien zelfs een vriendje die je dolgraag wilt terug zien.” Even zei ze niks, hij had gelijk, helemaal gelijk.

Het liefst wou ze zeggen dat ze over een ander onderwerp wou praten of dat ze moe was en naar huis moest. Maar ze kreeg het niet over haar lippen. Ze moest zich niet aanstellen, zo erg was het nou ook weer niet. Ze zou er al lang mee om moeten kunnen gaan dat haar ouders en vrienden er niet meer waren. Het had erger kunnen zijn. ‘Had.’ mompelde ze toen onhoorbaar, ze ‘had’ dat allemaal gehad. ‘Had.’ zei ze toen, duidelijker, nonchalanter, met een glimlach zodat hij zou weten dat het niet bitchy bedoeld was. Ze wist zelf niet eens of ze op alles doelde, of alleen op het vriendje. ‘Maar je hebt wel gelijk.’ vervolgde ze toen. ‘Als de poef je gewoon ergens anders naartoe brengt dan zijn ze er allemaal, nou ja, behalve die laatste.’ Even wendde ze haar blik af en liet ze haar ogen bij het raam rusten. Het was nog steeds even donker, je zou al even geleden niet meer kunnen zien hoe laat het was door naar de lucht te kijken. Ze keek weer naar Akira. ‘Vertel eens, wat doe jij eigenlijk door de dag heen? Iets interessants?’ vroeg ze toen. Ze ging in kleermakerszit zitten en glimlachte vriendelijk. ‘Ik vraag me af of iedereens dagen hier namelijk zo saai zijn.’ ze kreeg een rode blos op haar wangen toen ze doorhad dat het misschien niet juist overkwam. ‘Sorry, ik uhm, ik bedoelde natuurlijk niet dat vandaag saai was, ehh, het was heel leuk.’ ze versprak zich hier en daar een beetje omdat ze zich schaamde. Iets waardoor ze zich natuurlijk nog meer ging schamen.



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Tue Jan 08, 2013 10:37 am

Het licht was buiten verdwenen maar de sfeer was binnen warm. Hij had gitaar gespeeld voor een meisje, hij had een gesprek had en was nog steeds gaande. De jongen voelde zich goed, niet zenuwachtig of verplicht tot iets. Het was gezellig en eigenlijk wou hij het zo lang mogelijk houden zoals het was. Uiteindelijk had hij naar haar leeftijd gevraagd. Bleek dat ze de eerste september jarig was, hij knikte en zei, “Is dat niet de eerste schooldag? Lijkt me leuk, naar school gaan…” en glimlachte zachtjes. Hij was nog nooit naar een school gegaan. Akira kon echter wel lezen en schrijven, zijn vader kon het en had het hem geleerd. En buiten geld stal Akira vaak boeken. Vervolgens ging het gesprek over naar de befaamde poef. De jongen antwoordde eerlijk, het had geen zin om te liegen. Als er werkelijk een keuze gemaakt kon worden dan zou hij blijven. Anastacia zou het zelfs zien, hij zou nog tot haar zeventiende verjaardag even goeiedag komen zeggen. Althans, als ze contact bleven houden of elkaar af en toe eens tegen komen.

Het was nu haar beurt om wat te vertellen. Of dat hoopte hij toch een beetje. Hij begon over haar zogenaamde familie en vrienden. Misschien zat ze in dezelfde situatie als hij. Of misschien was er thuis iets mis waardoor ze eerder terug zou keren naar haar vrienden maar niet naar haar familie. In ieder geval, hij hoopte dat ze zou antwoordden zodat hij iets meer wist. ‘Had.’ Mompelde ze de eerste keer. Bedoelde ze nu dat ze een vriendje gehad heeft? Of dat ze ooit een familie had? ‘Had.’ Zei een tweede keer, luider en met een glimlachje. ‘Maar je hebt wel gelijk. Als de poef je gewoon ergens anders naartoe brengt dan zijn ze er allemaal, nou ja, behalve die laatste.’ Hij knikte, blijkbaar had ze al een vriendje gehad. Hij vroeg zich af hoe het zou voelen om van iemand te houden. En zelfs hoe het zou voelen om iemand op die manier weer te verliezen. Het is geen verdriet zoals je ouders voorgoed te verliezen. Maar toch had Akira de indruk dat sommige jongeren wel heel erg diep in de put konden terecht komen als ze gedumpt werden door hun partner. ‘Vertel eens, wat doe jij eigenlijk door de dag heen? Iets interessants?’ hij voelde zijn hart stilstaan. De vraag die hij niet wou stelde ze. ‘Ik vraag me af of iedereens dagen hier namelijk zo saai zijn.’ Hij zag haar blozen, waarom wist hij niet meteen. Zijn hoofd zat vast bij haar vraag. ‘Sorry, ik uhm, ik bedoelde natuurlijk niet dat vandaag saai was, ehh, het was heel leuk.’ Hij glimlachte kort, “Je moet je niet verontschuldigen” zei hij zachtjes en begon te prutsen met het uiteinde van zijn T-shirt. Hij wou niet zeggen wat hij deed maar meteen iets verzinnen kon hij al helemaal niet. “Wel… pfff, wat ik doe…” mompelde hij. Moest hij het nonchalant zeggen? Moest hij liegen? “Laat ik het zo stellen, je zult niet blij zijn om het te horen.” Begon hij voorzichtig. Dat hij daarnet nog kon denken dat ze elkaar misschien nog zouden zien leken plots zo belachelijk. “Maar ik verkoop dus…” hij slikte even, “drugs. En ik steel.” Flapte hij er uit. Hoe sneller het voorbij was, hoe beter. “Ik begrijp het als je nu wilt weg gaan, maar als je ervoor open staat dan wil ik uitleggen waarom.” Hij stond recht, nam een afstandje van haar zodat ze zich niet bedreigd zou voelen. Zijn gitaar lag nog in de zetel. Akira schaamde zich niet voor zijn daden, had hij ook nog nooit gedaan. Maar het was niet leuk om het te vertellen aan iemand als Anastacia.


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Wed Jan 09, 2013 3:33 am

Ergens vond ze het enorm erg dat zij het altijd zo goed had gehad. Zij, iemand die alles maar op zich af liet komen en qua karakter helemaal niet sterk was verdiende toch niet zoveel meer dan hem? Hij die het waarschijnlijk nooit zo goed als haar had gehad maar toch veel sterker leek te zijn. Het klopte gewoon niet. Toen hij naar haar had gevraagd duurde het eventjes voor ze duidelijk antwoordde. In eerste instantie ontkende ze een beetje dat ze er waren, want ze waren er niet meer. Maar hij had hem toch deels gelijk gegeven. Als je gewoon ergens anders naar toe ging met de poef waren ze er allemaal nog. Behalve die laatste, maar die was er voor de poef al niet meer. Op één of andere manier vond ze het niet erg om er met Akira over te praten, de manier waarop hij zo luchtig met dit soort dingen om kon gaan kalmeerde haar. Het hield haar rustig terwijl ze praatten. Toch vroeg ze hem uiteindelijk wat hij door de dag heen deed. Vooral om het onderwerp te veranderen. Ze bloosde toen ze zelf vond dat ze het verkeerd geformuleerd had en verontschuldigde zichzelf meteen, maar glimlachte toen hij zei dat ze zich niet moest verontschuldigen. “Wel… pfff, wat ik doe…” Had ze een verkeerde vraag gesteld? Blijkbaar wel als ze zag hoe hij met het uiteinde van zijn shirt prutste. Ze fronste haar wenkbrauwen, voor zover zij wist was het moeilijk voor zo’n vraag om gevoelig te liggen, maar misschien lag het anders bij hem? Ze zou het echt niet weten. “Laat ik het zo stellen, je zult niet blij zijn om het te horen.” De frons bleef staan en ze beet zachtjes op haar lip. Waarom zou zij niet blij zijn om het te horen? Kon het dan zo erg zijn?

De eerste paar woorden kwamen nog niet eens echt aan bij haar, alleen de laatste woorden kwamen goed aan. Waarschijnlijk omdat ze zich op die woorden richtte. “Drugs. En ik steel.” ze wachtte even, verwachtend dat hij elk moment in lachen uit zou barsten en zou zeggen dat hij gewoon een domme grap maakte. Maar er was nergens gelach te horen, nergens. Nu was het haar beurt om even te slikken. ‘Drugs?’ vroeg ze. Ze sprak het een beetje twijfelachtig en met een lichte afschuw uit. Ze kon het niet geloven, of misschien woù ze het niet geloven. Het paste gewoon niet in het beeld dat ze nu van hem had gevormd. Een aardige jongen waar ze zich wonderbaarlijk genoeg enorm op haar gemak bij voelde, het kon gewoon niet. Was het dan allemaal een soort mini-toneeltje geweest. Aardig zijn tegen een makkelijk slachtoffer en haar op haar gemak laten voelen om haar mee te nemen naar huis en ik weet niet wat te doen? Of deed hij het gewoon om te overleven? Had hij helemaal geen bijbedoelingen bij dit hele gebeuren. Hij was wel eerlijk geweest, dus ze gokte op het tweede, ergens hoopte ze er ook op. Even bleef ze zitten, haar handen bij elkaar, met haar blik op de grond gericht, maar ze sprong al snel op en deed een stap achteruit. Net zoals de jongen had gedaan. Het was raar. Ze had hem toch ook vertrouwd voordat hij het verteld had? Waarom lukte het nu dan niet? Waarom had ze al die vooroordelen en kon ze nu niet gewoon op haar gemak zijn? Ze wist wel waarom, omdat ze opgegroeid was met die vooroordelen. Ze had altijd slecht over dieven en dealers gedacht, dus nu ze probeerde het anders te bekijken vond ze het moeilijk, enorm moeilijk. Toen hij weer iets zei keek ze even naar de deur een weer terug. Het liefst wou ze weg ja, meteen terug naar huis en nooit meer terugkomen, maar ze vond dat ze het niet kon maken. Ze keek even naar hem en had er al meteen spijt van. Ze wou weg, naar huis, maar vond het oneerlijk tegenover hem. Ze vond dat ze moest blijven om tenminste zijn uitleg aan te horen. Het was nu niet dat ze er meteen voor openstond, maar ze voelde zich verplicht. Hij was eerlijk tegen haar geweest, iets wat hij ook niet zo fijn leek te vinden, en nu kon zij tenminste naar zijn uitleg blijven luisteren. Ze knikte zachtjes maar zei nog niks. Het was even stil, haar ogen bestudeerden ze grond, net zoals ze hadden gedaan toen ze elkaar vanmiddag hadden ontmoet. ‘Ik luister.’ zei ze toen, zachtjes, maar verstaanbaar. Hij mocht uitleggen wat hij wou, maar daarna was ze weg. Ze beloofde het aan zichzelf. Weg, zo snel mogelijk.



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Wed Jan 09, 2013 5:37 am

De jongen had een storm verwacht aan woorden. Gegil, misschien zelfs angst en tranen. Hij verwachtte het meisje op springen, weg rennen en nooit meer om kijken. Misschien, dacht hij, zou ze hem zelfs aanvallen. Wie weet wat voor shifter ze was. Een beer zou hem met gemak kunnen verpletteren. Of een giftige slang, zoals de koningscobra. Maar geen van die zaken gebeurden. Twijfelachtig fluisterde ze drugs, alsof ze verwachtte dat het een grap was. Akira bleef haar aankijken, hij schaamde zich niet voor zijn daden al zou dat moeten. Al voelde hij zich niet op zijn gemak om het te moeten vertellen aan haar. Zij had er niets mee te maken, zij wou hem waarschijnlijk niet eens zo kennen. Waarschijnlijk wou Anastacia hem nu helemaal niet meer kennen. De jongen zou het begrijpen, iedere actie die ze nu zou ondernemen. Gelijk welke, hij zou ermee kunnen leven. Hij wist niet zeker of hij er ook zo lichtjes mee om zou kunnen gaan, dat een vriendelijk persoon die misschien een vriend kon worden hem zo snel zou verlaten. Alles in zijn leven had hij snel verwerkt, hij twijfelde of dit zo snel zou lukken.

Ze waren beiden recht gesprongen, hadden beiden ruimte gemaakt voor de ander. Hij wou haar hier niet houden tegen haar zin. FAKZ was een vrije plaats, ze kon gaan en staan waar ze zelf wou. Maar ze knikte, ondanks dat haar blik eens naar de deur gleed. Akira voelde zich gestresseerd en voelde hoe zijn schouders gespannen waren. Nadat ze zei dat ze zou luisteren probeerde hij zijn schouders te ontspannen maar dat lukte niet. Hij boog lichtjes, een teken van respect en dankbaarheid in Japan. “Owke, bedankt…” fluisterde hij verstaanbaar, zijn stem leek plots weg. Ook zijn keel leek zo droog.

Even schraapte hij zijn keel en begon, “Het is een lang verhaal, ik zal het zo kort mogelijk brengen.” Hij ging op de leuning van de zetel zitten, “Ik ben geboren in Japan, mijn moeder stierf twee jaar na mijn geboorte. Mijn ouders leefden in de sloppenwijken van Kyoto. Elke dag gingen mijn vader en ik gaan bedelen, maar als we een yen per dag kregen was het veel.” Akira herinnerde zich niet veel van die tijd, alleen dat hij wakker gehouden werd door de pijn van de honger. “Mijn vader kwam met een illegaal idee, hoe erg het ook was maar we wilden overleven. Hij leerde me stelen, van kleins af aan. Mensen hadden medelijden met me, vooral in de straten waar de toeristen waren. Snel stal ik hun geld. Zo leerde ik te vluchten, via de straten en de daken.” In het begin was hij vaak opgepakt geweest, maar omdat hij nog zo jong was lieten ze hem vrij. Maar voor zijn zesde levensjaar was hij te goed om nog opgepakt te worden. “Met het geld kocht mijn vader drugs plantjes. Zo begonnen we een plantage die veel winst opbracht. Met het geld kochten we kleren, lakens, eten en drinken. Toen ik zes werd, werd mijn vader vermoord. Ik hield de plantage, leerde hoe ik in de illegale wereld moest overleven.” Hij haalde even adem en vervolgde, “Later kocht ik grafitti en uitte mijn creativiteit op de muren. Snel vond ik een andere passie, gitaar spelen. Ik vertrok uit Japan, ging naar Amerika en voordat ik een nieuw leven kon beginnen brak FAKZ uit.” Hij zuchtte zachtjes, hij had geen spijt van zijn daden, helemaal niet. Hoe hij geleefd had, en zijn vader, dat was de beste manier om te overleven. Hij wou liever een leven met een slechte achtergrond dan geen leven. “Je moet weten, Anastacia, mijn vader noch ik hebben ooit zelf drugs geprobeerd. We rookten niet, dronken niet maar…” hij hoefde het niet te vervolgen. Ze hadden andere, ergere dingen op hun naam staan. Maar alleen om te overleven. Hij stond weer recht, hield nog steeds afstand en wachtte af. Het was aan haar om te vertrekken. Akira had het verstand om niet dichterbij haar te gaan.


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Wed Jan 09, 2013 8:33 am

Ze had die vraag nooit moeten stellen. Dan was dit niet gebeurd, dan had ze het misschien nooit geweten. Misschien had ze dan altijd gedacht dat hij die aardige jongen was die ze eerst leerde kennen. Misschien was ze dan niet meer alleen, het had goed kunnen zijn dat ze dan een vriend had. Begon ze nu egoïstisch te worden? Ja, waarschijnlijk wel, maar het boeide haar nu echt niks. Hard blijven, laten zien dat zijn uitleg toch niks verandert en dan weggaan. Ze sloeg haar armen over elkaar als een soort bescherming en om niet hulpeloos en bang, maar juist sterk en zeker over te komen. Hoewel ze betwijfelde of het echt wel zo goed lukte. De glimlach op haar gezicht was al even ver weg en haar uitdrukking zag er nu een beetje gemengd uit. Van haar gezicht was duidelijk te lezen dat ze onzeker was, maar ze probeerde er standvastig en zeker uit te zien. Ze faalde, ze faalde enorm. Akira ging op de leuning van de zetel zitten. Zelf bleef ze nog steeds op dezelfde, waarschijnlijk belachelijke, manier staan terwijl ze hem aankeek. “Ik ben geboren in Japan, mijn moeder stierf twee jaar na mijn geboorte. Mijn ouders leefden in de sloppenwijken van Kyoto. Elke dag gingen mijn vader en ik gaan bedelen, maar als we een yen per dag kregen was het veel.” Anastacia knikte, ze wist niet precies hoeveel het vergeleken was met berto’s, maar ze kon zich voorstellen dat het weinig was, enorm weinig. Hij legde uit hoe zijn vader op een illegaal idee kwam, dat het erg was, maar dat ze het deden om te overleven. En dat zijn vader hem leerde stelen. Even veranderde haar blik een beetje, bijna alsof ze medelijden had, maar al snel zette ze dat aan de kant. Woorden waren soms niet de oplossing, misschien was niks hier de oplossing.

“Met het geld kocht mijn vader drugs plantjes. Zo begonnen we een plantage die veel winst opbracht. Met het geld kochten we kleren, lakens, eten en drinken. Toen ik zes werd, werd mijn vader vermoord. Ik hield de plantage, leerde hoe ik in de illegale wereld moest overleven.” Zelf zou ze heel anders redeneren, ze zou proberen zo snel mogelijk te stoppen met het illegale en proberen goed op te starten als ze genoeg geld hadden. Maar zij wist natuurlijk ook niet hoe het er daar aan toe ging, zij kon daar geen oordeel over vellen. En toch deed ze het. Ze sloeg haar ogen neer bij het deel over zijn vader. Alweer kwam er een gevoel van medelijden in haar op en deze keer was het sterker, het drong zich op en liet zich zien in haar blik. Haar ogen had ze even neergeslagen zodat hij het niet zou zien. Het was goed mogelijk dat hij helemaal geen medelijden wou, en dat kwam dan goed uit, want zij wou het niet laten zien. Toen ze weer opkeek stond haar blik zoals voorheen, een beetje raar, maar niet helemaal zwak alsof ze niet wist wat ze aanmoest met deze situatie. Wat eigenlijk wel zo was. Dat gitaar een passie van hem was had ze ondertussen al opgemerkt. Hij was er ook nog eens heel goed in. Dat van de graffiti wist ze nog niet, maar ze had het gevoel dat ze al meer van hem had geleerd op één dag dan iemand anders. “Je moet weten, Anastacia, mijn vader noch ik hebben ooit zelf drugs geprobeerd. We rookten niet, dronken niet maar…” Ze geloofde hem daarin wel. Voor zover zij wist had hij helemaal niet tegen haar gelogen, hij was de hele tijd eerlijk geweest, dus waarom nu niet?

Wat er gebeurde wist ze niet, maar ze voelde zich anders.Ze kreeg een koppige uitdrukking op haar gezicht en liet zich nonchalant zakken in de zetel. Er sloeg iets over waardoor haar karakter even heel anders leek. Waarschijnlijk door de verwarring. Het was namelijk niet iedere dag dat je een enorm aardige jongen ontmoette en vervolgens te horen kreeg dat hij deel uitmaakte van de illegale wereld. Soms kon ze niet goed met haar emoties omgaan, vooral dit soort verwarringen zorgden ervoor dat er even een knop werd omgezet. Als ze dan de rust weer had gevonden zou het waarschijnlijk omslaan naar verdriet. Toch dacht ze nu nog aan anderen. Anderen waren al lang weg gegaan, maar zij bleef, omdat ze zich anders schuldig zou voelen. . ‘Ik blijf, maar niet voor jou, omdat ik geen schuldgevoel wil hebben.’ zei ze, nee, beet ze hem bijna toe. Ze bedoelde het niet gemeen, maar het kon wel makkelijk zo overkomen. Ze trok haar benen op en bleef zo zitten, starend naar de grond. Ze zei niks, keek niet naar hem om zijn reactie te peilen, nee, ze bleef alleen nadenken. Ze moest het even verwerken, rust krijgen, het kon zijn dat ze straks in huilen uit zou barsten als haar koppige bui voorbij was, maar daar dacht ze nu niet aan. Ze zag eruit als een kind dat zijn zin niet krijg. Iets waar je in een andere situatie mee kon lachen, maar nu zou je waarschijnlijk niet weten wat je er mee moest doen. Tja, iedereen had zijn gebreken, één van haar gebreken was dat ze soms niet goed om kon gaan met haar emoties en daardoor anders reageerde als anderen.




I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Thu Jan 10, 2013 7:32 am

Anastacia leek bijna aandachtig te luisteren. Zij had dan hem niet willen aankijken, hij keek haar echter wel aan. Iedere spier die in haar gezicht vertrok had hij gezien. Ergens wist hij dat ze in een tweestrijd lag met haarzelf. Wat moest ze gaan denken? Dat het allemaal slecht was? Of moest ze medelijden hebben met hem? Dat laatste hoefde hij niet, het was slecht wat hij gedaan had en wat hij nog steeds deed. Maar voor hem was het de enige oplossing, was het zijn leven geworden. Ergens wou hij begrip, een onmogelijke gedachte. Niemand die een gelukkig, gemakkelijk leven had kon iets ven begrip voor een jongen als Akira inbrengen. Althans, zeer moeilijk. Als hij kinderen, die hetzelfde hadden meegemaakt als hij, zou vragen wat ze van zijn situatie vonden dan was hij bijna zeker dat ze meer begrip zouden hebben. In ieder geval, de jongen was klaar met praten. Meer was er niet te vertellen, meer kon hij niet opbrengen om te vertellen. Buiten was het donker, binnen was het gezellig maar de sfeer was kil.

Akira bleef op de rand van de zetel zitten en wachtte op iets van een reactie. Nonchalant ging Anastacia in de zetel zitten. Het eerste moment dacht de jongen dat ze zich niet goed voelde. Zijn spieren trokken al een beetje om op te staan en te kijken wat er scheelde. Maar haar gezicht vertelde hem dat ze niet ziek of ongemakkelijk werd. Haar blik was anders dan voorheen, logisch feitelijk. Hij had het goed verknald maar iets zoals dat was zijn leven en kon hij niet over liegen. Ze bleef in de zetel zitten en zei, ‘Ik blijf, maar niet voor jou, omdat ik geen schuldgevoel wil hebben.’ Beet ze hem bijna toe. Het verbaasde hem dat ze bleef. Was ze misschien gek? Hij zag hoe ze haar benen optrok en hem niet eens aankeek. Akira dacht na over haar woorden, ze bleef niet voor hem maar omdat zij geen schuldgevoelens wou hebben. Hij vond het grappig en glimlachte. Want ze bleef wel voor hem, ze wou hem niet kwetsen door hem te verlaten waardoor ze schuldgevoelens zou hebben. “Anastacia, ik hou je niet tegen als je wilt vertrekken.” Zei hij zachtjes maar blijkbaar stond haar besluit vast.

Na enkele ogenblikken haalde hij zijn schouders op en stond op. Zonder een woord te zeggen liep hij naar een deur. Als hij die opende kwam hij in een kamertje waar het vol lag met ijs. Van de keren dat het gesneeuwd had, had de jongen ijs uit het meer gehaald en in die kamer verzameld. Het was de koudste kamer en het ijs smolt zeer traag. Het hield zijn eten en drinken koel. Er lagen dode konijnen, aan het zicht onttrokken van het meisje. Akira joeg als cheeta, verzamelde voedsel en later zou hij het opeten. De jongen nam een blikje cola en een pintje. Hij wist niet of ze überhaupt cola lustte. Met de twee blikjes in zijn handen keerde hij terug. “Hier, niet gestolen voor het geval je het wilt weten.” Zijn stem klonk ietwat nors en gaf haar het blikje. De zijne plaatste hij op de grond en ging terug weg. In een kast, die zowat op instorten stond, haalde hij dekens en kussens. Enkele legde hij in de zetel waar Anastacia zat. “Als je zo koppig blijft zitten, val je in slaap.” Mompelde hij, meer tegen zichzelf. Een enkel deken en een kussen legde hij op de grond, ging zitten en dronk zijn drank in één teug leeg. Vervolgens keek hij naar het meisje, “Het is laat… ga naar huis of slaap.” Het moest vriendelijk klinken maar Akira was meer terug zijn kille, neutrale zelf. Hij glimlachte zwakjes, maar het was niet hetzelfde als voorheen. Zonder waarschuwing veranderde hij in een cheeta. Hij vergat even dat het voor sommige mensen niet zo natuurlijk overkwam. Maar Akira liep vaak als cheeta rond. Hij zou zo beter kunnen slapen op de harde grond.

OOC: ik heb wss ietwat gegodmode? Als je het niet erg vind tenminste, anders pas ik het aan ^^;


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Thu Jan 10, 2013 9:53 am

“Anastacia, ik hou je niet tegen als je wilt vertrekken.” Koppig schudde ze haar hoofd, haar besluit stond vast. Ze zou blijven, al wist ze niet hoe lang en daar dacht ze nu ook niet bij na. Af en toe wierp ze een blik op de jongen, die na een tijdje zijn schouders ophaalde en opstond. hij verdween achter een deur, de kamer erachter lag buiten haar zicht. Toen hij terugkwam keek ze op. Hij had twee blikjes vast en gaf haar het blikje cola. “Hier, niet

gestolen voor het geval je het wilt weten.” De woorden, die nogal nors waren uitgesproken beantwoorde ze door met haar ogen te rollen en een zucht te laten horen. Ze pakte het blikje aan en bleef zo even zitten, maar bedankte hem er uiteindelijk toch voor en opende het blikje. Het verbaasde haar dat hij haar nu niet weg had gestuurd. Ze was irritant, brutaal en geen fijn gezelschap op het moment. Akira zelf zette zijn blikje op de grond neer en haalde wat dekens en kussens uit een kast. Hij legde een kussen en deken op de bank bij haar en ging zitten nadat hij een deken en een kussen op de grond had neergelegd. Ze nam een slokje van haar cola en tikte zachtjes tegen het blikje. Ze dronk nog wat, totdat het op was en hield het toen losjes vast. Haar spieren spanden zich op toen ze een cheetah zag, bijna wou ze opspringen en wegrennen - niet dat dat veel zou uitmaken. Maar toen ze zag dat hij geen agressieve houding aannam ontspande ze zich. Het was Akira, waarschijnlijk vond hij het fijn in zijn dierlijke vorm.

Met dat de tijd verstreek begon haar hoofd wat zwaarder aan te voelen, ze was moe, niet bepaald fysiek, maar eerder mentaal. Er ging teveel door haar hoofd heen en het enigste wat ze wou was slapen, dus plaatste ze het kussen bij haar hoofd en trok ze de deken een beetje over zich heen. Ze legde haar hoofd neer, maar hield haar ogen nog wel open om rond te kijken. Het feit dat er een Cheetah rondliep beangstigde haar een beetje, maar ze probeerde het te negeren. ‘Het is net een hond.’ zei ze zachtjes tegen zichzelf. Die zin bleef ze herhalen in haar gedachten en langzaam aan werd haar lichaam slapper en slapper. Haar spieren ontspanden zich en voor ze het wist was ze in slaap gevallen. Haar linkerarm hing een beetje langs de zetel en haar linkerhand ontspande zich waardoor het blikje uit haar hand viel. Het zorgde voor een tik-geluid toen het blikje tegen de grond aanviel. Het was echter zo zacht dat ze er niet wakker van werd. Ze sliep goed, iets wat best raar was, aangezien het niet haar eigen bed was en ook niet haar eigen huis. Het was heel anders dan dat, maar toch sliep ze goed. Waarschijnlijk was dat gewoon zo omdat ze enorm moe was, ze kon niet anders dan slapen.

Nog een beetje slaperig kwam ze recht, ze wreef door haar ogen en keek toen rond. Even vroeg ze zich af waar ze was, maar al snel kwam de herinnering van gisteren naar boven en zuchtte ze. Haar blik bleef bij Akira hangen. Opeens voelde ze zich schuldig als ze terug dacht aan gisteren. Ze was brutaal en misschien zelfs een beetje gemeen geweest. Ze had zich koppig en nors gedragen, en waarom? Omdat hij de waarheid vertelde? Daar kwam het wel op neer en het was niet eerlijk. Ze ging recht zitten, strekte zich uit en stond op. Ze liep zo stil mogelijk naar de deur en opende deze. Ze keek achteruit, maar Akira leek nog te slapen. Ze liep naar buiten waar de koelte haar tegen moet kwam en ze wreef even over haar armen. Ze liep even een stukje vooruit, langs de fakkels af die Akira gisteren had aangestoken. Ze waren nu inmiddels al uit. Gisteren had het bos er een beetje eng uitgezien, maar nu zag het er vrij mooi uit. Rustgevend. Ze zuchtte en draaide zich toen om. Ze zou terug gaan naar het hutje, wachten tot hij wakker werd en dan haar excuses aanbieden. En dan zou ze wel verder zien. Ze duwde de deur open en liep naar binnen. ‘Akira?’ vroeg ze. Ze deed de deur achter zich dicht en liep richting de zetel. Hij lag daar nog te slapen. Het zag er wel schattig uit zo, net een hond, maar dan eentje die meer op een kat leek. Ze ging naast hem zitten, op haar knieën. ‘Akira?’ vroeg ze nog eens. Ze bracht haar hand naar hem toe en raakte hem zachtjes aan bij zijn schouder. Hopelijk liet ze hem niet schrikken door de aanraking. Ze had er namelijk geen zin in dat iemand haar naar de keel vloog. ‘Ik wil even iets zeggen over gisteren.’ zei ze alvast, ze wist niet of hij ondertussen al wakker was geworden. Ze keek namelijk naar haar handen die aan de onderkant van haar trui aan het prutsen waren. Ze schaamde zich voor haar gedrag van gisteren.

OOC :: Nogal flut.. Sorry.



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Akira

avatar

Aantal berichten : 83

Karakter
Leeftijd: 18 years
Partner: If she dares to come closer
Groep: Nvt

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Sun Jan 13, 2013 3:04 am

De jongen deed net zo nors als het meisje. Als zij irritant ging doen, dan kon hij dat ook. Hij zag hoe ze met haar ogen rolde toen hij haar het blikje aangaf. Ze was vast beraden om te blijven en om koppig te doen. Het kon Akira bitter weinig schelen, althans dat was toch wat hij zichzelf voorhield. Als ze echt was vertrokken, in de donker en alleen, dan had hij haar geruisloos gevolgd. De gedachten dat haar iets zou overkomen door zijn toedoen was onverdraaglijk. Maar ze bleef, hier kon ze de nacht veilig doorbrengen en daar was hij stiekem blij om. Uiteindelijk hoorde hij een zacht bedankje voor haar drank. Akira knikte enkel en ging wat dekens halen. De jongen installeerde zich, dronk zijn pils op en veranderde in een cheetah. Hij hoorde hoe de hartslag van het meisje veranderde vanwege zijn plotse gedaanteverwisseling. Akira glimlachte in zichzelf, het was goed dat ze even schrok. Dan was ze niet meer zo koppig.

De jonge cheetah hoorde hoe de ademhaling van Anastacia regelmatiger werd. Een zacht geruis van een deken die opgetrokken werd weerklonk. Akira lag met zijn kop van haar weg en kon haar dus niet zien. Maar zijn oren gaven hem zicht. Hij voelde hoe de spanning verdween en wist dat ze in slaap aan het vallen was. Enkele seconden later viel er iets op de grond waardoor de jongen zijn kop ophief en zijn nekharen overeind. Hij zag hoe het meisje aan het slapen was, haar ene arm uit de zetel en onder haar hand het lege cola blikje. Even bleef hij half recht op zitten voordat hij zich weer op zijn deken nestelde. Deze keer had hij zijn ogen gericht op Anastacia. Zachtjes tikte hij haar hand met het puntje van zijn staart. Er was geen reactie. Op zijn gemak sloot hij zijn ogen en viel in slaap.

Akira was zich bewust van de niet bestaande wereld. Het was er vaag en donker. Er brandden kaarsen maar leken enkel een schemerig licht uit te stralen. Zijn bewegingen voelden loom aan, wetend dat hij zo slank was als een cheetah. Waar hij was moest op zijn huis lijken. Alles ging traag, zoals een computer die vast liep. In de zetel, onder een deken, moest er iemand liggen. “Neen…” dacht hij, had hij niet moeten doen. Zijn hand nam het deken vast en trok die van het dode lichaam. Zijn handen zaten onder het bloed, het lichaam die er lag was rood. Er waren grote happen uit het lichaam genomen. Een stel ogen keken hem leeg aan. De vrouw die er lag kwam hem zo bekend voor…

De cheetah werd met een schok wakker. Even was hij ervan overtuigd dat hij werkelijk zijn moeder vermoord had. Zijn ogen konden weer zien. De jongen zijn hart stond stil toen hij een lichaam in zijn zetel zag liggen. Maar voordat hij in paniek kon raken hoorde hij het vredig geluid van een hartslag. Hij herinnerde zich weer wie er werkelijk in zijn zetel lag. Voorzichtig legde hij zijn kop terug op zijn poten. Het was stom van hem om te denken dat er ook maar een kans bestond dat zijn moeder nog leefde. Ze was dood, al jaren. Hij had het gezien hoe haar levenloze ogen hem aankeken. Hoe haar warme woorden niet meer klonken. Akira kon zichzelf voor zijn kop slaan. Het was jaren geleden dat hij nog gedroomd had van zijn moeder. Deze keer was hij er erg van aangedaan. Buiten was het nog donker en algauw viel hij een tweede keer in slaap. Een donkere slaap zonder dromen.

Plots hoorde hij zijn naam van ver komen. Akira zag de donkere binnenkant van zijn oogleden. Zijn oor trok naar achteren, het geluid van voetstappen volgend. Hij wist wie het was maar was op zijn hoede. De stem klonk dichterbij, een hand streelde zijn vacht. Zijn beide oren gingen even plat liggen om vervolgens weer neutraal recht te gaan staan. Hij was niet gewend om als cheetah aangeraakt te worden. ‘Ik wil even iets zeggen over gisteren.’ Hoorde hij Anastacia zeggen. Traag deed hij zijn ogen open. Zijn groene ogen zochten die van Anastacia, maar ze keek naar beneden en prutste aan haar trui. Hij rekte al zijn poten uit, opende zijn bek en geeuwde. Vervolgens stond hij op, rekte zijn volledige lichaam uit en kroop onder het deken om vervolgens terug in mens te veranderen. Akira wist niet hoe het bij haar zat, maar meestal als hij shifte waren zijn kleren stuk. Met het deken als een soort van rok rond hem stond hij op en ging in de zetel zitten, versuft van het slapen. Hij geeuwde terwijl hij zei, “Lucht je hart maar.” Hij wachtte dus op wat ze te vertellen had terwijl hij in zijn ogen wreef.

OOC: vind je? Vond het nochtans een leuke post.


Back to top Go down
View user profile
Anastacia

avatar

Aantal berichten : 159

Karakter
Leeftijd: 16
Partner: I geuss I just lost my balance.
Groep:

PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    Mon Jan 14, 2013 7:40 am

Ze raakte hem kort aan, maar trok haar hand al snel terug. Ze wou niet dat het leek alsof ze hem aan het aaien alsof hij een huisdier was of zo. Hij was wel zacht, heel zacht. Ze was opgestaan, maar had verder alleen maar aan heer trui zitten prutsen. Zenuwachtig omdat ze zich schaamde voor haar gedrag van gisteren. Ze keek op toen hij op de zetel was gaan zitten. Hij was weer terugveranderd in een mens en had het kleed als een soort rok om zich heen geslagen. “Lucht je hart maar.” Ze ging ook in de zetel zitten en trok de mouwen van haar trui bijna helemaal over haar handen heen. ‘Sorry voor gisteren.’ Zei ze, haar ogen een beetje zoekend naar iets om haar aandacht op te vestigen terwijl ze praatte. ‘Ik gedroeg me stom en koppig.’ Ze keek hem heel eventjes van onder haar wimpers aan, alsof ze zich afvroeg of dat wel de juiste woorden waren, maar keek al weer snel weg. Net alsof ze elkaar weer voor het eerst ontmoet hadden, maar deze keer praatte ze gelukkig wel.

Ze was eventjes stil, op zoek naar de woorden die ze wou zeggen. 'Ik weet dat het geen excuus is, maar ik was verward, ik snapte er even niks meer van, ik..' Ze keek niet op maar stelde zich wel een blik voor. Afkeurend, gevolgd door wat woorden die lieten horen dat ze weg moest gaan. Ze kwamen niet. Misschien wachtte hij tot ze nog wat ging zeggen of misschien was hij gewoon even stil. 'Af en toe worden dat soort emoties me te veel en dan,' ze zuchtte, straks klonk ze als een gek. 'Nou, dan sla ik een beetje over. Ik gedraag me dan heel anders.' Ze beet op haar lip en keek op, maar toen haar ogen de zijne bijna bereikt hadden sloeg ze ze weer neer. Ze was bang dat ze klonk alsof ze in een instelling terecht hoorde. Ze had misschien wel last van stemlingswisselingen, zo nu en dan. Niet dat het echt vaak gebeurt, maar ze voelt zich altijd enorm slecht als het gebeurt is. 'Het was niet mijn bedoeling en ik wil even zegen dat ik het helemaal niet erg vind.' Zei ze, doelend op de drugs en het stelen. 'Je bent aardig en ik begrijp dat mensen moeten doen wat ze moeten doen om te overleven.' Nu keek ze hem wel aan. Met haar ogen op zoek naar een teken van begrip van hem.
Het was raar dat ze het zo belangrijk vond dat hij niet kwaad op haar was. Ze kenden hem nog niet eens een dag, toch wou ze hem niet kwijt. Ze vond het gisteren een fijn gevoel dat ze bij iemand was. En hij was spontaan en vriendelijk, ze voelde zich op haar gemak bij hem.

Even was het stil, maar het geluid van haar maag verbrak de stilte. Ze plaatste haar handen voor haar buik en werd een beetje rood toen haar maag knorde. Ze giechelde een beetje en keek omhoog, naar Akira. Ze had honger, misschien moest ze maar naar huis gaan, dan kon ze daar ontbijten. 'Ik denk dat ik maar eens naar huis moet gaan.' Zei ze, ze glimlachtte vriendelijk. Ze had haar excuses aangeboden, maar wou ergens nog niet weg, ze wou nog even bij hem blijven. 'Heb je misschien zin om even mee te komen? Voor een ontbijtje?' Vroeg ze. Ze vond het één van de minste dingen die ze voor hem kon doen, als een soort van sorry. 'Als je me tenminste niet beu bent, ik wil je niets verplichten.' Voegde ze er nog snel aan toe. Ze wou niet dat hij tegen zijn zin mee kwam. Ze legde haar handen in haar schoot en keek hem aan. Hopend dat hij zin had om mee te komen.



I can try, but everybody knows the mouse never chases the cat.
Open topics ~:
 
Back to top Go down
View user profile
Sponsored content




PostSubject: Re: When we're all out of our minds.    

Back to top Go down
 
When we're all out of our minds.
Back to top 
Page 1 of 2Go to page : 1, 2  Next

Permissions in this forum:You cannot reply to topics in this forum
Survivors :: De FAKZ :: Perdido Beach :: Streets-
Jump to: