HomePortal*FAQMemberlistkaartRegisterLog in

Share | 
 

 Roxanne Inzaghi

Go down 
AuthorMessage
Roxanne
Moderator
avatar

Aantal berichten : 441

Karakter
Leeftijd: 15 Years 'ld
Partner: I wanna sing, I wanna shout, I wanna scream ‘till the words dry out.
Groep: Nvt

PostSubject: Roxanne Inzaghi   Tue Apr 02, 2013 4:38 am


Het leek de ideale schuilplaats. Dat verlaten hutje, ergens in het bos. In je achterhoofd wist je wel dat dit het ideale horrorfilm scenario was, maar tijd om een andere schuilplaats te zoeken zou je vandaag niet meer hebben. De zon was al bijna onder en de laatste lichtstralen zouden spoedig ook verdwijnen. Het was gevaarlijk om in het donker nog zo rond te dwalen, dus had je geen andere keus dan je een weg te banen naar het verlaten vertrek. Alles wees erop dat het verlaten was, vooral nadat je jouw eerste stappen erin had gezet.
Rustig ga je zitten, leun je tegen een van de houten wanden. Je kunt duidelijk zien dat het amateurs werk is: de planken zitten niet goed tegen elkaar en het is alles behalve geïsoleerd. Zonder erbij na te denken reik je met een hand om je heen, totdat je een zachte stof voelt. Een deken. Als je het zo mag noemen, want er zitten wel erg veel gaten in. Ach ja, je moet roeien met de riemen die je hebt, nietwaar? Langzaam pak je het deken vast en trek je het naar je toe, maar ineens voel je een weerstand – het is vast vast blijven hangen aan een spijker of zo.
Langzaam draai je je hoofd, om recht in ogen te staan met een of ander dier. Ietwat gehypnotiseerd door de fonkelingen in de twee ietwat grote kijkers blijf je staren, waarna je het deken loslaat en naar achter schiet. Een beest? Je knippert tweemaal met jouw ogen, om je dan te realiseren dat de ogen zijn verdwenen. Het is vast je verbeelding. Het is ook zolang geleden dat je een goede maaltijd hebt gehad, je kunt niet meer helder denken op een hongerige maag.

Veilig met het dekentje lig je in een hoek van het hutje, sluit je ogen. Het gekraak van een voetstap dringt tot je door en gelijk schieten je ogen open. ‘Hallo?’ Je kijkt om je heen, voor zover dat mogelijk is in de kleine ruimte, en meent vervolgens iets te zien in de schaduwen. Een meisje – kruipend op handen en knieën – onthult zich voor je ogen, half in het duister gehuld – maar haar gezicht voldoende verlicht door het zwakke maanlicht. Ze boort haar karamelkleurige ogen in de jouwe, lijkt ergens boos.
“Heb jij niet geleerd om van andermans spullen af te blijven?” spreek ze vervolgens, kijkend naar het dekentje in jouw handen. ‘Wacht, was jij dat dier?’ Haar blik wordt er niet vrolijker op, maar uiteindelijk slaakt ze een zucht en gaat ze in kleermakers zit zitten. “Zie ik eruit als een dier?” Daar had ze een punt, ze was gewoon een simpel meisje. Met een ietwat apart accent. Italiaans? Waarschijnlijk, maar dan wel heel erg.
“Oké,” trok ze je uit jouw gedachtes, “In ruil voor die deken zal ik je mijn naam geven, deal?” Langzaam en een beetje verward knik je. “Roxanne.” Na die naam te hebben uitgesproken rukt het meisje de deken uit je handen, maar ze gaat niet weg – blijft gewoon zitten. Tijdens de stilte die volgt neem je de tijd om haar te bekijken. Honingkleurige haren, een strakke, rechte pony – maar de rest van haar lange haren bestaat uit krullende lokken. Haar ogen zijn karamelkleurig en een tikje aan de grote kant. Voor de rest heeft ze een gave huid en ziet ze er vrij jong uit.
“Kun je het zien?”
Je kijkt op, waarna je beschaamt wegkijkt – ze heeft gelijk, het is verkeerd om mensen zo uitgebreid te bekijken. ‘Roxanne, mag ik je wat vragen?’
“Ligt eraan wat.”
‘Wat doe je hier?’
Ze werp je een blik toe, een blik die eigenlijk alles al zegt: precies hetzelfde als wat jijzelf hier doet. Schuilen waarschijnlijk, haar slaapplaats voor vannacht. “Kleine tip: stel vragen waar je het antwoord nog niet van weet en ook niet kunt achterhalen.” Roxanne kijkt weer weg, tovert een mes tevoorschijn en begint in een van de houten planken te peuteren. ‘W-Wat doe je?’ vraag je, ergens bang dat ze met het mes in jou gaat peuteren omdat je alweer een vraag stelt. “Het is handig om een geheime bergplaats te hebben, vooral in je eigen schuilplaats.” Er vormt zich een frons op je gezicht. ‘Schuilplaats?...’ Afwezig knikt het meisje. “Het is niet veel, maar dit mijn huis. En jij bent mijn gast dus, een soort van… Denk ik.”
‘En je bent zo gastvrij om iedere vraag te beantwoorden die ik voor je hebt?’
“Als jij daar blij van wordt,” grijnst ze, terwijl ze even haar blik op je richt en dan weer verder gaat met haar eerdere bezigheid. Je denkt eventjes na, waarna je jouw mond weer opent: ‘Ben je niet moe?’ Ze schudt haar hoofd, maar kijkt je niet aan ook niet als ze een antwoord geeft: “Vermoeidheid is een luxe die ik mezelf niet kan veroorloven, nooit niet. Daarbij vertrouw ik je niet genoeg om in jou bijzijn mijn ogen langer dan een minuut te sluiten.” Daar had ze alweer een punt: je was zelf dan wel moe, maar ook jij vertrouwde de ander niet genoeg om te gaan slapen. Je zou jezelf kwetsbaar opstellen en wie weet wat het meisje, met een scherp mes in haar handen, je allemaal zou aandoen? Misschien wel helemaal niks, maar je wist maar nooit. ‘Oké dan. Volgende: was dat dier dat ik zag enkel en alleen mijn verbeelding die een spelletje met mij speelde?’ Opnieuw schudt ze haar hoofd. “Je weet dat alles en iedereen een dierlijke vorm heeft, sommige hebben deze beter onder controle dan anderen en ik ben een van die personen die hem goed onder controle heeft. Als een cheeta kan ik me sneller voortbewegen en daarbij zijn mensen minder snel geneigd me aan te vallen.” Dus zij was wel dat beest! Oké, ze had nooit echt ontkent dat ze het was – maar het was gewoon fijn om te weten dat je toch gelijk had en niet richting het gekkenhuis moest gaan de volgende dag.

Voor een tijd lang besluit te zwijgen, kijk je gewoon toe hoe ze een beetje met haar mes zit te peuteren in het hout. Tot je een vraag te binnen schiet. ‘Hoe kom je eigenlijk aan dat mes?’ Ze slaat haar ogen op en stopt het peuteren. Een vage glim is te zien in haar ogen, alsof ze pijn heeft. “Hij is van mijn vader,” antwoord ze zachtjes en sneller gesproken dan voorheen. ‘Waar is je vader nu? Is hij ook verdwenen toen dit alles begon?’ Een van haar mondhoeken kruipt omhoog en er komt een scheve grijns op haar gelaat waarna ze haar hoofd snel schud. “Nee, mijn vader is ergens anders. Ver weg van deze plek.” Je slikt eventjes waarna je met moeite weer wat woorden over jouw lippen krijgt: ‘Is hij… Dood?’ Een paar tellen kijkt Roxanne je met grote ogen aan en haar mond is een rechte streep, waarna ze in lachen uitbarst. Niet-wetend wat je moet doen lach je maar krampachtig en vaagjes met haar mee. Wat is er precies zo grappig?
“Hij is alles behalve dood. Hij is vast weer terug naar ons vaderland: Italië, wat je misschien al had geraden dankzij mijn accent. De enige reden dat ik hier ben was omdat hij me hier in een weeshuis achterliet, wetende dat ik hem niet kon volgen.” Nieuwsgierigheid borrelt langzaam in je op. ‘Weeshuis?’ Ze knikt en kijkt weer weg. “Mijn vader was een maffia lid, hij was geen leider: maar kwam wel in de buurt. Als zijn dochter was ik gedwongen me snel aan te passen aan die levensstijl, het was gevaarlijk en een meisje hoort zo’n leven niet te leidden. Dus heeft hij me hier achtergelaten. Neemt niet weg dat ik nog steeds van hem hou hoor: no hard feelings.” Je knikt langzaam, moet het eventjes verwerken. Dus het meisje heeft al wat meegemaakt, althans zo komt haar verhaal over. ‘Hoe oud was je toen je in het weeshuis kwam?’ Ze lijkt eventjes na te denken.
“Ongeveer negen of tien jaar schat ik. Het is al een tijdje terug.”
‘Hoe oud ben je nu dan?’
“Vijftien jaar. Ik ben weggelopen van het weeshuis toen ik veertien was, dat weet ik wel nog goed. Ergens is het nog steeds spijtig…”
Je fronst. ‘Spijtig?’
Ze slaakt een diepe zucht en richt haar blik weer op je. “Ik was een soort van bende leider onder de weeshuis kinderen. Blijkbaar zit het in mijn bloed, het bloed van mijn familia. Echter heb ik mijn bende achtergelaten: ik gaf toen der tijd meer om mijn eigen vrijheid, wat vrij egoïstisch klinkt. Helaas realiseer je past wat je echt allemaal had als je het eenmaal kwijt bent. En toen ik terug wilde gaan was het al te laat en was ik gevangen. Gevangen in al dit… Gedoe.”
Ergens voel je je rot, komt vast omdat je met haar meeleeft. Ze lijkt er echt mee te zitten. Je wilt er wat over zeggen, maar besluit maar te zwijgen. Ze kijkt weg en jij richt vervolgens je blik ook maar op de grond. Het geluid van het mes dat in het hout snijdt dringt je oren weer binnen en om de een of andere reden krijg je een vage glimlach op jouw gelaat. Waarom weet je niet precies, maar hij verschijnt er gewoon ineens.
Je voelt hoe jouw oogleden steeds zwaarder worden, hoe je langzaam tegen een van de houten wanden aanzakt en vervolgens over wordt genomen door je vermoeidheid. Voor je het doorhebt ben je al in dromenland.

Snel kom je overeind en hap je één keer geschrokken naar adem, kijk je om je heen. Je bent nog steeds in het hutje, maar… Roxanne is verdwenen. Het dekentje is weer in je eigen handen. Was het allemaal maar een vage droom dan? Langzaam kom je overeind en loop je naar de uitgang, maar een paar woorden trekken je aandacht: woorden die in het hout zijn gekrast. Het zijn de kleine dingen die het hem doen, lees je. Ergens passen zo’n soort woorden wel bij het meisje dat je die avond had gesproken, als dat alles wel al echt was geweest - maar het feit dat die woorden hier staan geeft wel aan dat je niet de enige was die hier ooit is geweest. Je haalt je schouders op waarna je het hutje laat voor wat het is en je tocht weer vervolgt.
Je meent even een zacht spin geluid te horen, afkomstig van een kat of zo. Even kijk je om je heen, maar je ziet niks. Het zou vast je verbeelding wel weer eens zijn…
Back to top Go down
View user profile
Kid
Administrator
avatar

Aantal berichten : 724

Karakter
Leeftijd: 15
Partner: Perrie ♥
Groep: Nvt

PostSubject: Re: Roxanne Inzaghi   Tue Apr 02, 2013 6:20 am

Helemaal geaccepteerd :)



Once more into the fray...
Into the last good fight I'll ever know.
Live and die on this day...
Live and die on this day...